meneer Wateetons gaat naar De Kweker
Vorige week was meneer Wateetons in De Kweker, groothandel in levensmiddelen te Amsterdam. Normaal komt een eenvoudige culi-logger als hij daar niet binnen maar hij was de gast van TIJS, kok op locatie. Meneer bracht er een zeer genoeglijk uurtje door. Het leven is toch ietsje mooier als je de beschikking hebt over honderden soorten worst, kaas en gevogelte. En een 19,2 liter emmer pindasaus. Alhoewel, sociologisch onderzoek toont aan: van veel keuze denkt de mens dat hij gelukkiger wordt, maar dat is niet zo. En dat bleek ook wel een beetje voor meneer te gelden. De hoeveelheid kazen was zo groot dat hij niets wist te kiezen. En moest hij nu een bresse-kip kopen, of een paar kwartels? Een parelhoen of een smient? Meneer Wateetons stond er als verlamd naar te kijken.
Na een paar ferme muilperen van de meer ervaren TIJS (“snap out of it, dammit!“) kwam meneer gelukkig weer tot zichzelf en met hernieuwde koopdrift en een gloeiende wang schafte hij volgende etenswaren aan:
- twee bosjes raapstelen
- een bos schorseneren
- een doosje aardbeien om de lente te vieren
- een bak pastinaken
- een kilo Vitellote Noir aardappels
- een geitenkaas
- een droge worst
- buffelmozarella
- een fles biologische olijfolie
En passant voerde we nog een klein n=1 experimentje uit. Zijn kinderen instinctief bang voor krabben en kreeften? Dochter Wateetons had er nog nooit een gezien. We plantten haar voor de bak met kreeften. Het antwoord luidt volmondig: neen. Sterker nog: “Kreeften lief”, mompelde ze toen we haar na tien minuten eindelijk konden verwurmen weer verder te gaan winkelen. Gelukkig zag ze verderop de vader van Bambi. Althans z’n hoofd, aan de muur.
Uit eten in Gent
Vorig weekend gaf meneer Wateetons een lezing. Deze mislukte echter jammerlijk omdat hij per ongeluk zijn memorystick aan mevrouw had meegegeven. Gelukkig vond de lezing plaats in Gent en kon het verdriet na afloop verdronken worden in veel bier. Theoretisch dan, want meneer Wateetons houdt niet van bier. In plaats daarvan nam hij een biologisch-dynamisch spelt-broodje en een cappuccino. Ook erg troostend.
‘s Avonds gingen meneer en mevrouw Wateetons uit eten. Keuze zat, maar helaas belandden we in een eethuisje van het type stokbrood met kruidenboter. De Gentse Stoverij die meneer bestelde kwam uit een emmer van de groothandel en de frieten van over de grens. Alleen de mayonaise was zuur. Toch nog wat.
De kleine grote automatenkoffie test
Op de werkplek van meneer Wateetons staan drie verschillende koffievolautomaten. Kantoorkoffie, u kent het wel. Alle drie maken ze op verzoek een kopje ‘cappuccino’ en dat drinken wij loonslaven dan braaf. Ook meneer Wateetons trapt erin. Echt een voorkeur heeft hij niet voor een van de apparaten, hij had zelfs nooit echt op het verschil gelet. Tijd voor een testje. We namen drie kopjes cappuccino uit de drie verschillende automaten. Deze beoordeelden we op kwaliteit van de schuimlaag en smaak van de koffie. Een koffie kon in elk van de categorieen een eerste, tweede of derde positie behalen. Voor een proefpersoon was de opzet ‘single blind’, voor de andere twee was hij helemaal niet ‘blind’: zij wisten precies welk merk in welk kopje zat. Maar aangezien we a) geen publicatie in Science voor ogen hadden en b) we geen voorkeur vooraf voor een van automaten hadden vonden we deze proefopzet goed genoeg.
Dit waren de automaten.
En dit was de conclusie:
Smaak: twee van de drie proefpersonen kozen apparaat twee (Nescafé) als beste. Kwalificaties als ‘pittig’ en ‘ik proef een koffiesmaak’ vielen. Eén proefpersoon koos apparaat nummer drie, en apparaat nummer een vond iedereen slap (3x), smakeloos (3x) en bitter (2x).
De schuimlaag: of wat er voor door moet gaan, laten we dat voorop stellen. Alle drie de apparaten gaven een aparte zoetige, plakkerige schuimlaag met een moeilijk te definieren smaakje. ‘Melk’ was het in ieder geval niet. Een soort opgeklopte poedermelk wellicht. Toch waren de juryleden unaniem: wederom kwam de Nescafé (apparaat twee) als winnaar uit de bus. Dit schuim had nog vagelijk iets romigs en bleef wonderbaarlijk lang in stand. Vele malen langer dan de andere schuimlagen die niet van elkaar te onderscheiden waren.
De conclusie: spaar met uw collega’s voor een echt espresso-apparaat, of een nespresso. Als u moet kiezen tussen een DE apparaat en een Nescafé: ga voor de laatste. Of neem ontslag.
Bloemkool-recept. Echt waar.
De boze betovering is verbroken. Meneer Wateetons heeft een bloemkool gekocht én opgegeten. En, jawel, het was nog lekker ook. Dat beaamde zelfs mevrouw Wateetons.
Pasta met bloemkool salade, voor ruim twee personen (met dank aan Mevrouw Gerritsen voor de inspiratie)
- een bloemkool
- een citroen
- knoflook
- spaghetti
- een ei
- pecorinokaas (of Parmasaan)
- lente-uitjes
- bascilicum
Koop een bloemkool. Gooi hem niet weg.
Kook de in kleine roosjes verdeelde kool beetgaar, een kleine 10 minuten ongeveer. Papperig is dood in de pot. Giet de bloemkool af en voeg het sap van driekwart citroen en een forse scheut olijfolie toe. Komkom, niet te zuinig. Doe er ook een half teentje in flintertjes gesneden knoflook en een paar fijn gesneden lente uitjes aan toe. Meng het geheel goed en laat het een beetje afkoelen.
Kook ondertussen in ruim gezouten water de spaghetti beetgaar, giet het af maar spóel het niet af (voor je het weet staat de pastapolitie op je stoep). Meng een rauw eitje, een beetje geraspte pecorino en wat olijfolie door de spaghetti. Serveer de bloemkool op een bedje van spaghetti, en garneer met verse peper, zout indien nodig, wat bascilicum en veel geraspte pecorino.
De worst-ervaring eindigt, in de prullenbak
In de afgelopen twee maanden stond Wateetons in het teken van het maken en drogen van worst. We hebben samen veel geleerd, veel gelachen en veel gehuild. Vandaag voorlopig de laatste post. Meneer Wateetons pinkt een traantje weg.
Het enige wat resteerde van een forse berg vlees en darm in januari was een minuscuul, drolvormig, merguez worstje dat in de keuken hing te drogen. Eigenlijk had deze na de eerste 24 uur naar de koelere berging gemoeten maar dat is niet gebeurd. Een stukje luiheidsgebeuren van de kant van meneer Wateetons.
Afgelopen zondag sneed ik hem aan, circa drie weken nadat hij was opgehangen. Beetje te lang eigenlijk. Hij voelde ook niet goed: licht, droog, dun en hol. En zo zag hij er aan de binnenkant ook een beetje uit. Hij rook vrij scherp en een beetje zurig, maar leek verder niet beschimmeld of op andere wijze ongezond. Meneer Wateetons spuugde het eerste hapje al weer snel naar buiten. Nu, twee dagen later, kan hij niet helemaal meer voor de geest halen wat de smaak was. Maar het was geen succes. Misschien kwam dat wel vooral door het mondgevoel: het leek totaal niet op worst. Droog en korrellig. De smaak was in ieder geval vrij intens. Misschien was deze nog wel te waarderen geweest met een flinke hoeveelheid vet erbij. Dat bevatte deze worst helemaal niet, hij bestond uit tamelijk mager lamsvlees, met wat olijfolie.
Deze gedroogde zelfgemaakte merguez verdween in ieder geval in de prullenbak.
Wij zijn verspillers
Elke week verdwijnt er in casa Wateetons een bloemkool in de vuilnisbak. Gisteravond inspecteerde meneer Wateetons, na het ontdekken van editie 2007 van onze jaarlijkse fruitvliegjesplaag, de fruit- en groentemand en verwees subiet een berg mandarijnen en een bos radijsjes naar de prullenbak. Zonde. Ik vrees weer het ergste voor de bloemkool van deze week.
Lollig met lepels
Laten we zeggen dat het volgende filmpje wat tegen de randen van zowel het culinaire, als het betamelijke aanschuurt. Maar er zit een lepel in en meneer Wateetons vond het erg grappig, dus vooruit.
Meneer en mevrouw Wateetons hebben het ook nog bij dochter Wateetons geprobeerd, maar die snapte er helemaal niks van. En ambulancebroeders konden er ook niet om lachen.


