Maar wat was het?


U kent het ongetwijfeld. Het haastig struinen over kleedjesmarkten, het eindeloze klikken op Marktplaats, de dagelijkse hoopvolle blik op de beduimelde advertenties bij de supermarkt. Maar de kleedjesmarkt biedt keer op keer slechts de fonduepan, Marktplaats de muisarm en de advertentieblaadjes waren drie weken geleden al onleesbaar. Toch gaat u door. Want u weet, u voelt, diep in uw hart, dat het kán. Dat ergens op een kleedje in Nederland uw object van begeerte ligt. En dat het de uwe zal zijn. Als u maar blijft zoeken, blijft speuren en blijft klikken.

Wees getroost. Het kan echt. Het is er. Meneer Wateetons was als u, ooit. Dolende, zoekende, onbevredigd. Maar hij heeft verlossing gevonden. Door te blijven speuren, zonder ophouden. En te vinden. Op, jawel, een kleedjesmarkt. In fucking Voorthuizen. Want zo ver gaat hij.

Oh vreugd, die alle smart verbant.

Hij is niet langer zoekend, hij heeft gevonden.

Zijn donutmaker.

  1. 1
    Harrie

    Meneer heeft vast geen ‘fucking Voorthuizen’ gezegd terwijl hij in fucking Voorthuizen vertoefde … want dan was meneer zonder zijn donutmaker terug naar het veilig goddeloze amserdam gekeerd … als hij geluk had …
    Enniewee, ik ben fucking benieuwd naar de plaatjes van Meneer zijn donuts.

+ Laat een reactie achter