blauwschimmelkaas poging 2: FAIL

kaasbrokjesperskaasjeblauwschimmel na drie wekenblauwschimmel-failllll

“De volgende keer, als meneer heeft zich ingelezen, gaat hij de wrongel persen, daarna in stukjes breken en dan weer persen. Op die manier zit er lekker veel lucht in de kaas.Dat schreef meneer enkele weken geleden, na een mislukt blauwschimmelkaasavontuur. Hij hoopte hiermee de schimmel te kunnen verleiden zich ook IN de kaas te begeven in plaats van angstvallig aan de oppervlakte te blijven. Welnu, meneer moet nog een beetje werken aan zijn verleidingstechnieken. Dat bleek na het aansnijden van blauwschimmelkaasje numero dos. Mevrouw Wateetons en de blauwschimmelkaas kunnen elkaar de hand schudden. Zij zijn het eens.

Hoe had monsieur Wateetons het aangepakt? Hij mengde zijn melk met een stukje Danish Blue, deed dit stremmen en perste de wrongel tot een stevig kaasje. Vervolgens sneed en brak hij dit kaasje in losse brokjes en perste deze weer (lichtjes) tot een nieuw kaasje. Meneer verwachtte dat dit kaasje 2.0 veel luchtkamers zou bevatten waarin de schimmel welig zou tieren. Welnu, getierd werd er. Door meneer, toen hij zijn kaasje aansneed. Drie weken had hij verlangend naar zijn koelkast gekeken. Zuiver wetenschappelijk verlangend welteverstaan, want zoals u weet, meneer vindt blauwschimmelkaas ongekend smerig. Maar toen hij het kaasje aansneed, notabene onder het vorsend oog van vader Wateetons, bleek deze van binnen maagdelijk wit. En wat minstens zo erg was: zuur. Oneetbaar zuur. Zure blauwschimmelkaas, meneer beklom nieuwe toppen van walging.

Kortom. Dat moet anders. Hoe, dat weet meneer nog niet. Daar gaat hij eens over peinzen. Peinzt u mee?

Forellenvoer

meelwormengebakken-meelwormenjammieJAMMIE

Voorbereid zijn op een middag vissen op acht forellen en uiteindelijk na een uurtje met twee vertrekken heeft zo z’n voordelen: je houdt wat voer over. Meelwormen!

Tien seconden afspoelen, 5 seconden in de pan, snuifje zout: lekker!

Forellen vissen

forelforel2forellen3

Afgelopen zaterdag tufden meneer en mevrouw met Watpleegtons en dochter Wateetons in de Wateetonsmobiel door het platte land richting Epe. Op weg naar het meest eclectische kinderentertainmentavontuur van de Veluwe. t Smallert: forellenkwekerij, outdoorspeelparadijs en kaarsenmakerij ineen. Wie dat verzonnen heeft. Een visionair. Ik zie mogelijkheden voor een kinderboerderij annex subtropisch zwemparadijs. Of een klompenmaker annex kegelbaan annex kippenslachterij.

Maar het werkte prima. Dochter Wateetons kon de hele middag spelen en meneer en Watpleegtons lieten zich, na wat rondjes op de megaglijbaan, informeren over de forellenkweek. Meneer onthield in ieder geval dat drie uurtjes roken, op 70 graden op beukenhout evolutionair het hoogst haalbare is voor de regenboogforel.  Daarna mochten de heren hun gehuurde hengels uitwerpen in de aangrenzende forellenvijvers. Acht stuks werden er middels een kruiwagen naast ons in het water gekieperd, bakje meelwormen erbij en succes ermee. Veel mannen aan de waterkant. Met powerbait, leefnet en hesjes met veel zakken en onverstaanbare accenten. Maar wel met elke vijf minuten een forel aan de lijn.

Toen het na een uurtje al weer tijd was op op huis aan te gaan hadden meneer en Watpleegtons twee forellen op de kant. Niet helemaal kostendekkend, maar voor onervarenen ook weer niet slecht. Thuisgekomen leerde meneer Watpleegtons hoe hij een vis moest schoonmaken. Van nog-nooit-een-vis-aangeraakt naar vangen, doodmeppen en schoonmaken. Belangrijke stappen in zijn ontwikkeling. Een forel verdween op de BBQ en een werd gerookt. Daarover later meer.

Mevrouw Wateetons proefde een hapje: ‘het smaakt naar modder.’

Ook eens forellen vissen?

Vierlimonade

res Lees verder

Illustrator?

Zijn er illustratoren onder meneer’s lezers, die ook geïnteresseerd zijn in een mogelijk klusje? Wilt u dan eens contact opnemen met meneer via meneer [at] wateetons.com?

Mevrouw Wateetons, zij houdt van mij

kuitje kuitje heb je witte wol

Lekker. Een gerookte varkenskuit. Zomaar. Meneer boft.

Komop konijntje, het is je dag vandaag

konijntje (jong)konijn (moeder?)konijn-orenkonijntjes-wiebelen-2

Op de foto bij de vorige post ziet u drie konijntjes. Twee waren makkelijk te spotten, maar rechtsboven aan de bosrand zit er nog een.  Meneer heeft ze even voor u omcirkeld. Maarrr, dat zijn ze niet allemaal. Rond het buitenhuisje van de Wateetonsjes bivakkeren plots vijf konijnen. Mogelijk zijn het er zelfs meer. En wat schetste onze verbazing: ze lopen niet weg. Als je ze een beetje rustig benadert blijven ze vrolijk knabbelen aan hun paardenbloemetjes. Sommige lieten zich zelfs aaien. Het koddige aanzicht van de, waarschijnlijke, moeder doet vermoeden dat zij een ontsnapt tam konijn is. Het feit dat ze dochter Wateetons toeliet haar ruwhandig te betasten en er geen probleem mee had dat meneer een beetje aan haar oren trok sterkte ons in ons vermoeden.

Grappig hoor. Maar nu?

U  begrijpt dat meneer zijn kruisboog uit het vet wilde halen. Maar hij werd hierin geremd door een aantal factoren:

  • de onsportiviteit van het met je rechterhand schieten van een konijn dat je met je linkerhand aan het aaien bent
  • een stukje weekhartigheidsgebeuren, iets doodmaken dat je net vertederd geaaid hebt is lastig
  • mevrouw Wateetons: zij heeft een zwak voor alle dingen donzig, en voor konijnen in het bijzonder
  • schoonfamilia Wateetons, de feitelijke eigenaars van het buitenhuisje en omliggende waterschapsheuvels; zij blijven liever in de veilige veronderstelling dat vlees groeit in plastic bakjes in de supermarkt.

Wat moet meneer doen?

Hoeveel konijntjes ziet u hier?

konijntjes-wiebelen-wiebelen!

Maar wat was het?

maar-wat-was-het

Wateetons research and development report – zilveruitjes

uitjesuitjes2

Inleiding

Uit de langlopende serie ‘dingen die u voor minder geld en met minder moeite gewoon in de supermarkt kunt kopen’, vandaag: zilveruitjes. Of Amsterdamse uien. Of uien op zuur, wat u wilt. Goedkoop en een beetje ordinair. Gaat uitstekend samen met blokjes jongbelegen kaas of plakjes cervelaatworst. Die dus. Die wilde u altijd als eens maken, toch? Meneer in ieder geval wel.

Zilveruitjes zijn uitjes in het zuur. Ui + zuur = zilverui. Meneers brein kon het nog net bevatten. Maar, er zijn meerdere wegen die naar zuur leiden. Zo is daar: het toevoegen van zuur. Eenvoudig, rechtdoorzee. TON-style. Daar houdt meneer van. Je pleurt je uien in azijn en klaar ben je. Maar je hebt ook: het creëren van zuur. Middels fermentatie. Jurgen heeft het al wel eens uitgelegd en meneer probeerde het al eens, voor zijn doen, opvallend succesvol met bloemkool, kool en prei. Fermenteren is eleganter, en je hoeft het woord pleuren niet te gebruiken. Dat kan een voordeel zijn. Tenslotte, zo bleek uit het boek ‘houdbaar en heerlijk’, je kunt deze twee ook combineren. Je uien PLEUREN in zout én zuur.

Meneer besloot het wetenschappelijk aan te pakken en vergelijkend onderzoek te doen naar deze drie methoden. Hij kocht daartoe een kilo sjalotten. Dat zijn toch geen zilveruitjes, hoort hij u zeggen. Welnu, als u voor hem verse zilveruitjes heeft dan hoort hij het graag, maar kon ze nergens vinden. De sjalotjes pelde hij daarom dusdanig ver dat ze allemaal ongeveer even klein waren. Leek het nog wat.

Voorbereiding

Hij nam drie potten. In alle drie deed hij een mengsel van wat peperkorrels, foelie en kruidnagel.

  • Pot 1 (azijn+zout) vulde hij vervolgens met een halve liter hete azijn, 75 gram suiker, 15 gram zout.
  • Pot 2 (zout) vulde hij met een halve liter water, 50 gram suiker en 25 gram zout.
  • Pot 3 (azijn) vulde hij met een halve liter hete azijn en 75 gram suiker.

Hij draaide de potten dicht en draaide ze 18 dagen later weer open.

Proeven

Er was weinig verschil te zien tussen de potten. Wel bolde de deksel van pot 2 (zout) vervaarlijk op. Op de bodem van deze pot lag een laag dode cellen. Vergisting: koolzuur. Toen meneer deze open draaide begon het inderdaad flink te bruisen. De andere twee potten oogden identiek. Niet bruisen, geen dode cellen.

Pot 1 (azijn + zout): meneer Wateetons vond dat deze uitjes een goede bite hadden die deed denken aan Amsterdamse uien, knapperig. Fijn zuur, tamelijk zoet en met een héél klein beetje zout. Zowel de kruidnagel als de foelie overheerste een beetje. Mevrouw meende drank of azijn te proeven en ook zij omschreef het uitje als knapperig.

Pot 2 (zout): niet zuur, en ook helemaal niet zout. En ook niet lekker trouwens. Het uitje was zacht, maar niet knapperig. Muf, scherp bijsmaakje. Bah. Mevrouw vond het ook niet naar zilveruitjes smaken en “gewoon niet lekker”, “bedorven?”, opperde zij zelfs.

Pot 3 (azijn): nauwelijks verschil met pot 1, zuur en vrij zoet, ook hier een goede bite. Smaaksensatie over het geheel genomen iets minder dan pot 1. Mevrouw vond het ook op 1 lijken maar  noteerde een “rare smaak” die zij niet met ui associeerde.

Conclusie

De conclusie voorlopig: azijn met zout levert het lekkerste uitje op.

Maar: waar is het zout gebleven? 15 gram op een halve liter (=30 gram per liter) zou je toch moeten proeven? En waarom is de verzuring bij de pot 2 niet goed gegaan? De vergisting had plaats gevonden want er had zich gas gevormd en er lagen dode bacteriën op de grond, maar het zout leek verdwenen in de smaak en er was geen zuur voor in de plaats gekomen. Vreemd. Tenslotte, waarom varieerde meneer met de hoeveelheid zout en suiker? Waarom niet in elke pot evenveel zout en suiker, ten bate van de vergelijkbaarheid? Hij kan het niet meer vinden in zijn notities. Meer en beter onderzoek is nodig, zoveel is duidelijk.

Binnenkort zal hij rapporteren over zijn komkommers, die in een vergelijkbare proefopzet thans rustig op het aanrecht staan.

Meer van meneer
dots
‘Over Worst’ – Koop hem nu, gesigneerd

dots
Leer worstmaken!

dots
wattweetons
dots
Watatons
Categorieën
dots
dots
Over meneer
dots
Niks te zien hier, voor je kijken doorlopen
dots