Wateetons Wetenschap. 150 biertests. De conclusie? ‘Nothing matters’

Wateetons Wetenschap. 150 biertests. De conclusie? ‘Nothing matters’


Leuk hoor, al die bierboeken en -websites. Met hun strenge regels over uitmaischen, hard of zacht koken, koken met of zonder deksel,  water pH, de temperatuur van het spoelwater, lang of kort koken of wel of niet spoelen. Maar wie test eigenlijk of al die regels wel kloppen? Is de helft van onze in steen gebeitelde biergewoontes niet meer dan dat, gewoonte?

Sinds 2014 doen de vijf auteurs van Brülosophy.com elke week een ExBEERiment. Niet een beetje uit de losse pols, zoals die labbekakkerige meneer dat gewoon is, maar strak opgezet, blind getest en statistisch verantwoord. De opzet is steeds hetzelfde. Ze maken twee identieke bieren, waarin één variabele verschilt. Denk aan type gist, fermentatietemperatuur, kookduur, soorten hop, hopduur of het al dan niet uitknijpen van je brew-in-a-bag-bag.  Vervolgens laten ze de twee bieren blind proeven aan 20-25 bierdrinkers ‘with varying levels of experience’. Die krijgen drie biertjes voorgezet, waarvan er twee hetzelfde zijn en één afwijkend is. Aan de proevers de vraag of ze, zonder kennis over het experiment, de afwijkende kunnen identificeren. Sommige zullen het uiteraard goed hebben door te gokken, dus bepalen de auteurs op basis van statistiek hoeveel van de proefpersonen de afwijkende correct moeten identificeren om met zekerheid (p<.05) te kunnen zeggen dat de bieren niet hetzelfde zijn. Meneers wetenschapsdagen liggen al weer even achter hem, maar volgens mij doen ze dat netjes.

Inmiddels hebben ze 150 ExBEERiment gepubliceerd en wat blijkt? ‘Nothing matters.’ Althans, rond de 70% van de testen resulteerde in een niet-significant resultaat. De proevers konden in die gevallen geen verschil proeven tussen de twee bieren.

Hier vind je alle 150 exBEERiments op een rij, handig te sorteren op categorie en met in een oogopslag zichtbaar of het resultaat significant was of niet (alles met een p<.05 betekent ‘er kwam wat uit’). Razend interessante materie voor brouwers, van beginner tot professioneel. De auteurs maken ook een podcast. Die meneer dan weer redelijk saai vindt, maar hij houdt dan ook niet echt van bier.

(pssst. Toch een bierboek kopen? Meneer heeft er een geschreven  Over Drank , waarin hij zo goed mogelijk de resultaten van de exBEERiments heeft verwerkt.)

MISSCHIEN OOK LEUK OM TE LEZEN, YO

  1. 4
    Erik

    Ik wilde iets zeggen over dat p van 0.05 eigen niet zo sterk is (dat is een 5% kans dat je ten onrechte iets significant verklaart, op 150 studies is dat nog best wel wat) maar toen zag ik de lijst met resultaten en daaruit blijkt dat alles óf echt niet uitmaakt óf dat die paar die wel significant zijn ook p-waardes van 0.001 of lager hebben.

    Wat ik vooral interessant vind is dat alles wat wel significant is, direct met smaak beinvloeding te maken heeft. Ofwel off-flavors als butyric acid (volgens wikipedia de stof die menselijke kots die karakteristieke geur geeft…) of verschillende gist soorten worden wel direct geproefd en het verschil daarin is ook niet twijfelachtig.

    Met zo’n lijstje erbij is het achteraf gezien allemaal logisch wat wel en niet geproefd wordt, maar wel goed om bevestigd te zien dat het allemaal niet zo’n exacte wetenschap is, als je je aan de nummer één regel houdt dat alles SCHOON moet zijn.

+ Laat een reactie achter