Meneer leest een boek: dat smaakt naar meer – Jan-Willem van der Hek

Meneer leest een boek: dat smaakt naar meer – Jan-Willem van der Hek



 

“Een geweldige kok is hij niet, de opmaak van zijn borden is verschrikkelijk en hij weet schandalig weinig over wijn”. Het staat al jaren in zijn bio en hoewel hij tijdens zijn opleiding tot zelfstandig werkend kok vorderingen heeft gemaakt ziet hij geen reden om die eerste twee kwalificaties te veranderen. Met een vijfsterren-boek over het maken van drank -inclusief wijn- op zijn naam is ook de laatste niet meer helemaal accuraat. Over de techniek, de verschillende zuren, malolactische vergisting en restsuikers weet hij heel wat te vertellen, maar een goede proever is hij nog altijd niet. Als een ober hem vraagt of hij een chardonnay of een sauvignon blanc wil kiest hij maar wat. Wel op een zelfverzekerde toon natuurlijk.

Meneer wil echt wel beter. Keer op keer schaft hij een beginnersboekje aan als ‘wijn voor dummies‘, Lidl’s ‘wijnexpert in een weekend’ of de ‘wijngids voor beginners‘ (die laatste zelfs twee keer ontdekte hij). Daar begint hij dan in, aantekenblok bij de hand, maar legt het boek na een paar bladzijden weer terzijde. Overvoerd en afgeleid.

Dat smaakt naar meer‘ is ook zo’n beginnersboek. Geschreven door Jan-Willem van der Hek, 32 lentes maar al twee keer de beste sommelier van Nederland, wijnadviseur van de Lidl en hard op weg naar de titel van Master Sommelier (check de gave docu SOMM op netflix om een idee te krijgen wat dat inhoudt.) Het boek opent voorspelbaar. In ‘Wat is wijn’ leer je over het verschil tussen (het maken van) witte, rode, rosé en mousserende wijn. In dat hoofdstuk valt al direct de stijl op: geen foto’s van glooiende wijngaarden, klotsende glazen of verweerde boertjes maar strakke illustraties in de stijl die u ook kent van meneers boeken. De toon is gezet, ‘Dat smaakt naar meer’ is een jong en modern wijnboek. In het tweede hoofdstuk ‘wijn proeven’ laat Van der Hek je op een frisse manier kennis maken met de techniek van het proeven. Hij geeft een handig proefstappenplan en gebruikt aansprekende beelden. Complexiteit wordt ingedeeld als muziek, van een solist via een band naar een orkest bijvoorbeeld, power geeft hij weer als de snelheidmeter van een auto en geur en smaak als de seizoenen. In zijn handige downloadbaar proefformulier komt deze indeling terug. Vervolgens maakt in het hoofdstuk ‘Wijnsmaken algemeen’ Van der Hek een indeling binnen witte, rode, rosé, mousserende en zoete wijnen. Niet op land, werelddeel of druif maar smaakprofiel: denk aan ‘fris en uitgesproken’ (oa. Sauvignon blanc, Riesling), ‘harmonieus en mild’ (oa. Grüner Veltliner, oude wereld chardonnay) en ‘rond en rijk’ (oa. nieuwe wereld Chardonnay, Macabeo/Viura) voor wit. Over elk van de wijnen krijg je achtergrondinformatie over de afkomst, de prijs, de serveertemperatuur, met daarbij ook steeds de onbetaalbare droomwijn en een interessant alternatief.  Dit hoofdstuk telt ongeveer 100 bladzijden, en meneer moet toegeven dat hij die niet allemaal gelezen heeft en wat hij wel las niet allemaal heeft onthouden. Dat hoeft misschien ook niet, want het gaat Van der Hek om de grotere indeling op smaak: ‘fris en uitgesproken’ etc. Het laatste deel van het boek gaat in op de praktijk: hoe vind je de wijn die bij je of je situatie (BBQfeestje, budget, restaurant) past, wat zegt de prijs van een wijn, waar koop je je wijn, hoe praat je met een wijnverkoper, wat moet je met de wijnkaart in een restaurant. De eerder gemaakte smaakindeling dient hier steeds weer als kapstok. Van der Hek presenteert de praktijk weer fris, aantrekkelijk vormgegeven, no nonsense en vrolijk. Het boek eindigt met een wijnbucketlist, waarvan de onderdelen ook al door het boek verdeeld te vinden zijn. Denk aan ‘Koop eens een wijn die gemaakt is voor 2000, hoe lekker vind je oude wijn’, ‘schenk een wijn in en beschrijf die met je neus dicht’, en ‘proef eens een wijn uit een wijnglas dat je omgedraaid op een plank heb bewaard naast dezelfde wijn uit een schoon glas’. 

Minus de 100 bladzijden in het midden las meneer ‘Dat smaakt naar meer‘ van voor tot achter. Voor het eerst. Dat heeft onder meer te maken met de frisheid van de vormgeving, de praktische tips, de prettige no-nonsense schrijfstijl, de prikkelende bucketlist en de indeling in wijnen die meneer dit keer wél kan onthouden. En hij ging ermee aan de slag, maakte aantekeningen over de wijnen die hij al lezende proefde, zette het proefformulier op zijn telefoon (doe eens even een app maken, Jan-Willem) en maakte een vivino account (wateetons) aan. Volg hem daar als ‘wateetons’. En koop dit boek.

 

MISSCHIEN OOK LEUK OM TE LEZEN, YO

+Er zijn nog geen reacties

Laat jouw reactie achter