Aquariumfermentatie

11085773_885228074849650_863270284_o 11103547_885228084849649_1856459884_o

Het fermenteren van worst vereist een temperatuur van ergens tussen de 18 en 30 graden, al naar gelang de voorkeur van de startercultuur die je gebruikt, de snelheid waarmee je je worst wilt fermenteren en je smaakwensen. Recent probeerde meneer Wateetons onder water te fermenteren. Dat werkte perfect. Er staat alleen twee dagen lang een Curverbak met water op je aanrecht te dampen. Dat kan handiger, bijvoorbeeld omdat je al zo’n dampende bak in je huis hebt staan: een tropisch aquarium. Worstmaker Rutger kwam op het idee. En het werkt. Briljant.

Meneers nieuwe boek: Over Rot

Over Rot

Zonder dat we er bij stil staan eten we elke dag gefermenteerd voedsel: van yoghurt en kaas bij het ontbijt, koffie op het werk, boterhammen bij de lunch tot ‘s avonds een plakje worst met een biertje voor de buis. Alles is fermenteren.

Meneer Wateetons neemt je mee in deze wondere wereld van voedselveranderende microben. Over rot – vlot en met humor geschreven – is het resultaat van degelijk onderzoek en beschrijft alle facetten van het fermenteren. Het is daarmee hét fermentatiehandboek voor de hobbykok (én professional) en laat je stap-voor-stap zien hoe leuk, lekker en avontuurlijk het is om thuis zelf aan de slag te gaan: brouw je eigen bier, cider en wijn, leer Thaise vissaus of Indonesische tempeh bereiden, maak je eigen schimmelkaas voor op een plak zuurdesembrood en verras je tafelgenoten met een duizendjarig ei bij hun gefermenteerde thee.

Uiteraard leert meneer Wateetons je hoe je met eenvoudige middelen je eigen fermentatiebenodigdheden in elkaar knutselt en ontbreken ook de foutanalyses niet.

Meneer Wateetons – Over Rot (2015)
In de herfst in de boekwinkel.

(En ja, meneer weet dat er dit jaar nóg een Nederlands boek over fermenteren verschijnt. Wordt vast heel tof. Het onderwerp is gelukkig breed genoeg voor twee boeken. Maar voor maar één meneer. Dat wel.)

Prutsers. Meneer bakt een brood.

welkom aantekeningen handjes in het water ciabatta 'knuffeldeeg' meester Edwin legt nog een keer uit dat we allemaal prutsers zijn 19 bakkers, 19 verschillende broden check dat stokbrood zo mooi manmanman vruchtenbrood

Recent raakte ook meneer getroffen door het broodvirus: zuurdesem, stretch-and-fold, voordeeg, grote gaten, proofing, scoring. Het is magisch, moeilijk, en de manieren waarop het kan mislukken zijn eindeloos. Zijn sneue pogingen, en het feit dat hij meneer is, bleven niet onopgemerkt. Of hij geen interesse had in het meedoen met de broodcursus van TeesT, door Edwin Klaassen van Desemenzo? Vooruit dan maar. En zo stond meneer twee volle maandagen in Vianen met de #handjesinhetdeeg. Nu geeft meneer zelf wel eens een workshop. Wat hij dan vaak terug krijgt is “ik heb je boek ook gelezen, maar door het ook te doen snap ik het pas echt”. Zo is het dus precies. Vrijwel alles wat #bakkertjezelf vertelt staat in zijn boek ‘Ik bak geweldig, jij trouwens ook‘. Maar door het herhaald te krijgen, verkeerd te doen, gecorrigeerd te worden, nogmaals herhaald te krijgen en het dan nogmaals te doen leer je het pas echt. Meneer aantekende zich suf om het ‘s avonds met een kloppende kop van de informatieoverdosis zijn gekriebel op de computer uit te werken. Meneers belangrijkste lessen? Temperatuur. Als je die niet meet op zo’n beetje elk moment van de broodbakcyclus ben je geen brood aan het bakken maar aan het prutsen. En, op stand brengen, er moet spanning op dat deeg. Dat haal je niet uit een boek, maar uit een filmpje op youtube of beter nog, door een cursus te volgen. Een week na de cursus at hij bij vrienden, die al jaren geen brood meer kopen, maar het zelf bakken. Met wisselende resultaten, dat wel. Meneer kon uitleggen dat dat kwam doordat ze de watertemperatuur en deegtemperatuur niet meten, de oventemperatuur te laag was, en ze niet stomen. Dankzij de broodcursus. En het was dankzij die broodcursus, en het gebruik van het woord prutsers, dat hij daar nu niet meer uitgenodigd wordt.

Meneer heeft één exemplaar van Ik bak geweldig.. over. Die geeft hij cadeau aan degene die het lekkerste broodrecept in de commentaarfunctie geeft. Over de uitslag kan niet gecorrespondeerd worden.

Dry age poging 2

5 kilo kijk hoe mooi

Never give up, never surrender” - Jason Nesmith

Één mislukte dry-age poging is niet genoeg. Dat moeten er minstens twee worden. Meneer paste zijn ontwerp aan. Niet langer laat hij de koelkast-die-denkt dat-hij-een-vriezer-is op vol vermogen loeien. Niet langer meet hij de luchttemperatuur. Nee, de temperatuur van vocht wil hij weten. Immers, vlees is vocht. En de temperatuur van dat vocht houdt hij, met behulp van zijn trouwe UT-200 schakelthermostaat, in een range van 1-2,5 graden Celsius. Dat vocht bevindt zich in een eenvoudig flesje water, met een zakje erin ter bescherming van de UT.

Moedig voorwaarts, met 4950 gram cote de boeuf.

Let the aging commence!

 

(obligate ah shit update. Er had zich aardig wat ijs ontwikkeld in de koelkast, doordat deze nu iets hoger stond smolt dit ijs met een enorme hoeveelheid water en luchtvochtigheid in de koelkast. De onvochtiger draaide overuren. De warmte die dit produceerde zorgde ervoor dat meneer op ochtend 2 op de thermometer keek en tot zijn onsteltenis een temperatuur van 10.7 graden constateerde. Na snel al het smeltende ijs verwijderd te hebben zakte de temperatuur binnen enkele uren weer naar een graad of 1. Meneer hoopt dat hij niet 100 euro aan vlees heeft verknalt met deze misstap.)

dry age opzet 2

Middennachtelijke garageplop

cider na 3 maanden op fles

Als precies op het moment dat je de wateetonsmobiel ‘s nachts na een workshop in de garage zet er een kurk van een fles afknalt weet je dat het tijd is om je cider te drinken. Om van de schrik te bekomen, in ieder geval. Je weet ook dat je dat korfje beter had moeten bevestigen. Meneer perste de buitenhuisjeappels in september van 2014, hevelde ze af in oktober en bottelde ze uiteindelijk in december. Nu, 3 maanden later vroeg de cider dus om aandacht. Aan de piep in zijn oren las meneer af dat het eerdere euvel van te weinig carbonisatie (carbonisering?) verholpen was. Aan alle flessen voegde hij bij het bottelen 6 gram suiker toe, een halve theelepel tannine en een frietseltje cidergist. De combinatie van twee keer zoveel suikers als hij gewoon is en dat beetje cidergist had het gewenste hartverzakkende effect.

Bij het bottelen had meneer gemeten dat de pH van gistingsfles 1 rond de 4.5 lag en de ander rond de 4.2. Dat is wat aan de hoge kant, ergens tussen de 3.5 en 4 is beter. Hij voegde wat citroenzuur toe. De smaak werd er niet beter op, dus hij stopte toen de pH 4.0 was geworden. De andere helft van de flessen bottelde hij, bij wijze van test, onaangezuurd (pH=4.2). De zich presenterende fles was van de aangezuurde pH=4.0 variant. Hij was goed te drinken, ietwat troebel, met een fijne bubbel, goede appelsmaak, iets te weinig tannines en prettige restsuikers. Maar, overduidelijk te zuur. Waar ging het mis? Meetfout (nee, pH was nu 4.1). Andere zuren moeten gebruiken?

Nu maar eens wachten tot een 4.2-tje zich aandient.

Wat vooraf ging:

stap 1: verpulpen
stap 2: persen
stap 2: klaren

 

Ah shit: ice aged beef

Besterven is het smakelijk en mals laten worden van (meestal) rundvlees of wild. Er bestaan zowel natte als droge varianten. In de natte variant wordt vlees ingepakt in plastic. Deze methode is het populairst in de industrie omdat je er ook kleinere stukken vlees mee kunt rijpen en omdat vochtbehoud ook gewicht- en dus prijsbehoud betekent. De droge variant ken je van de term dry aged beef en geldt als exclusiever. Besterven is vooral het werk van enzymen in de spiervezels. Doordat eiwitstructuren en bindweefsel afbreken is je vlees bij de bereiding malser. Dit effect staat voorop in de eerste drie weken. Pas daarna vinden er smaakveranderingen plaats. Enzymen zetten eiwitten om in andere smaakvolle componenten. Vet oxideert en melkzuurbacteriën zetten daarnaast suikers om in melkzuur, waardoor de pH daalt wat verder bijdraagt aan de gerijpte smaak. Bij de droge variant ontstaan (soms) schimmels aan de buitenkant van het vlees die een extra eiwitafbrekende, en daarmee smaakverhogende werking hebben.

Bij het schrijven van dit stukje druipt het kwijl meneer alweer uit de mondhoek (Meneer is linkskwijlend). Aangezien dat elke keer gebeurt als meneer denkt of leest over dry agen besloot hij het anderhalve maand geleden maar gewoon eens te gaan doen. Dry agen kun je namelijk in principe ook thuis doen. Je hebt een mooi en relatief groot en vet stuk rundvlees nodig, een goed schoon gemaakte koelkast die flink koud kan (ongeveer 1 graad), een hoge luchtvochtigheid (ca 80%) en een (computer)ventilatortje die voor enige luchtverplaatsing zorgt. Gebruik liever niet de koelkast waar ook je melk en over de datum kipfilet ligt. Die bevat te veel geurtjes en ongewenste bacteriën. Meneer kocht dus een nieuwe koelkast, lees kringloopwinkelnieuw, en maakte hem winkelnieuw schoon. Ook tussen de rubbertjes. Enfin, u heeft de opzet hier kunnen zien, maar voor de volledigheid hier nogmaals het plaatje.

dryage opzet

Enkele onderzoeksnotities

  • 17-1 vlees gekocht:  2990 gram ribeye bij Slagerij De Wit
  • 18-1 opgeknoopt en in koelkast gehangen. Koelkast stand 7, ca 1-2 graden. Luchtvochtigheid 75%
  • 19-1 mooi droog
  • 22-1: temperatuur steeds tussen 1-3 graden. Beetje twijfel of het stuk richting achterkant niet bevriest. Sowieso voelt hele stuk vlees vrij hard/droog.
  • de luchtvochtigheid daarom wat verhoogd naar 80%. Misschien ook de ventilator nog zachter?
  • 25-1: vooral erg droog aan buitenkant. Luchtvochtigheid nu 80%. De stand wat lager gezet en de thermometer verplaatst om ook op andere plekken in de koelkast de temperatuur te bepalen. Temperatuur blijft rond de 1 graad.  Op zich perfect. Maar twijfel of t niet bevriest. Denk t echter niet.
  • 27-1  luchtvochtigheid verhoogd naar 85%
  • In de loop van februari: luchtvochtigheid daalde langzaam naar 65%
  • 22/2 eruit, na een kleine 5 weken. Gewicht 2526. Verlies van ca 15%.

gifje

2015-02-22 13.41.09 2015-02-22 13.41.28 2015-02-22 13.41.40 2015-02-22 13.48.06 2015-02-22 15.27.26 2015-02-22 15.29.46
Aangesneden
Shiiiiit. Bevroren. Fail. Meneer heeft al die weken op ice aged beef gewacht. Hij besloot niet te wachten tot de ribeye ontdooide maar er onmiddellijk (met veel moeite) plakken van te snijden en die te vacumeren en in te vriezen. Maar niet voordat hij de rand had weggesneden. Nog ca 400 gram. Al met al is het verlies dus rond de 30%. Een prijzige diepgevroren ribeye.
Een ribeye liet hij helemaal ontdooien, op temperatuur komen in zijn broekzak om vervolgens kort aan te schroeien. Hij was geweldig. Dat wel.
2015-02-23 13.55.42 2015-02-23 14.15.38 2015-02-23 14.19.37
Meneer Wateetons, wat heeft u nu geleerd?
  • Een (lege?) koelkast kan flink kouder dan je zou denken.
  • Mogelijk is de luchttemperatuur anders dan de ‘vochttemperatuur’. De volgende keer (want die komt, verdorie) zet meneer een glaasje water met daar de thermometer in om de temperatuur ín het stuk vlees beter te simuleren.
  • Hij neemt de volgende keer een stuk met meer vet er omheen, om het magere vlees minder te laten uitdrogen
  • Het is niet onmogelijk dat het vlees wel enigszins gerijpt is. De temperatuur zal niet verder dan 1 of 2 graad onder nul zijn geweest en enzymen stoppen niet precies als het kwik onder de nul komt.
  • De volgende keer bewaart meneer een stuk (diepgevroren) om als referentiestuk te dienen.
  • meneer heeft héél veel ribeye in zijn vriezer liggen.

Meneer eet een worm

met beschrijving van de foto speciaal voor Yvonne

Meneer hartje de Jumbo. Of nee, hij heeft een hekel aan iedere supermarkt, maar nét iets minder aan de Jumbo. Omdat ze een redelijk assortiment kaas hebben en minder opgeklopt gezellig doen dan de Albert Heijn en de Plus. Omdat ze producten van de Vegetarische Slager verkopen en, sinds kort, wormenburgers. Want u weet het, insecten zijn rijk aan eiwitten en mineralen. Bovendien is het eten van insecten goed voor het milieu. Ze kunnen twee kilo voedsel omzetten in een kilo massa, terwijl een koe daar bijvoorbeeld zo’n acht kilo voor nodig voor heeft. Dan hebben we het nog niet over hun efficiënte gebruik van ruimte en geringe uitstoot van broeikasgassen. En ze zijn best lekker ook. Maar ja, het zijn INSECTEN en insecten zijn eng vindt Meneer Modaal (en Mevrouw Wateetons). Dus hulde voor de Jumbo die het lef heeft insectenproducten in het assortiment op te nemen. Misschien dat Jan Modaal er nietsvermoedend één meeneemt in plaats van een groenteburger. Nu mevrouw Wateetons nog, maar die komt nooit bij de Jumbo of enige andere supermarkt.

ingredientenInsectaschnitzelinsectanuggetinsecta groenteburger

Meneer schafte het volledig assortiment aan: de schnitzel, groenteburgers en nuggets. Alledrie uit de Insectalijn van het Belgische Damhert. Ze liggen, opvallend genoeg bij de vegetarische vleesvervangers. De insecten in kwestie zijn buffalowormen, de larven van de buffalokever. Meneer zou ze, als hij ze in het wild zou tegen komen, niet kunnen onderscheiden van meelwormen. Beide worden gekweekt als voedsel voor  bijvoorbeeld reptielen. Een blik op de ingrediëntenlijst laat een teleurstellende hoeveelheid van deze beestjes zien. Slechts ca 15% van de groenteburger bestaat eruit. Voor de schnitzels en nuggets is dat niet anders. De producten bevatten verder zo’n 300 kc per 100 gram, bestaande uit ongeveer 18 gram vet, 23 gram proteïne en 19 gram koolhydraten. De doorsnede ziet er een beetje uit als brood. Volkoren, dat wel. De schnitzel en nuggets hebben een standaard vettig en vrij dik paneerlaagje. De smaak is zoetig met een hint van kaneel. Allen hebben ze een wat korrelige, losse textuur. Ze zouden wat betreft meneer wel wat meer binding mogen hebben. Over het geheel genomen is het een nondescripte groenteburger-achtig smaakervaring. Er is werkelijk niets ‘engs’ aan. Als je normaal een kipschnitzel bij de aardappels en boontjes neemt zijn deze burgers een prima alternatief. Aan een 28 dagen gerijpte ribeye kan het nog niet helemaal tippen.

(Oh, en meneer *hartje* de Lidl natuurlijk. For real.)

 

 

DIY dry-age opzet

dryage opzet2

Waterworstuitkomst

2014-12-21 20.32.45 2014-12-22 19.29.31 2014-12-22 19.30.16 2015-01-07 12.14.312015-01-07 12.15.03

Meneer mag dan alweer 1,5 boek verder zijn, de liefde voor worst gaat nooit verloren. De open inschrijving workshops bij Boergondineren zijn een maandelijks hoogtepunt, en het maken van de ultieme gefermenteerde worst blijft de eeuwig durende uitdaging. Even voor kerst probeerde meneer een nieuwe startercultuur en een nieuwe fermentatiemethode en testte en passent het verschil tussen entworst en startercultuur. De eerste indruk van de warm water fermentatiemethode positief.

Het drogen ging snel. 16 dagen nadat meneer de worsten had gefermenteerd (dus 17 dagen; 2,5 weken na het maken) sneed meneer ze aan. Ze waren perfect gedroogd en authentiek rimpelig. De smaak was goed, in acht nemend dat meneer er eenvoudig supermarktvlees in het gestopt en niets anders dan peper en zout als smaakmaker. Goed, mooi gerijpt, maar ook een beetje eenvoudig. Het verschil tussen de beide type starterssoorten was minimaal. Degene met de startercultuur smaakte misschien iets rijper en voller, en was iets roder van kleur, dan de fuet entworst.  Maar nogmaals, het verschil was zeer klein. Meneer liet beide worsten blind proeven aan 14 workshopdeelnemers waarbij de voorkeur gelijkelijk verdeeld was over de beide worsten en de genoemde verschillen geen relatie hadden tot het gebruik van een type starter (‘meer peper’ bijvoorbeeld). De cursusavond was maar net begonnen, ze wisten nog van niks natuurlijk, de schatten. Maar toch.

Conclusies:

1. onderwaterfermenteren gaat uitstekend

2. AVO T3 rapid is inderdaad een rapid starter, met een prima maar niet al te verfijne smaak

3. 5% fuet als starter werkt vrijwel even goed als een commerciele starter, gebruik makend van de warmwaterfermentatiemethode.

 

Warmwaterfermenteren

2014-12-21 20.28.05 2014-12-21 20.29.57 2014-12-22 19.29.31 2014-12-22 19.30.16

Van slager Erik Waagmeester van Slagerij De Wit kreeg meneer een zakje startercultuur in zijn handen gestopt. Van Avo, type Rapid T3. De meester was er erg tevreden over. Zoals men dat gewoon is in de starterwereld is de informatie over dit poeder onvindbaar, summier, slecht vormgegeven en Duits. Gelukkig was hem toevertrouwd dat de starter zijn werk bij voorkeur deed in 24 uur, bij een temperatuur van 28 graden en een hoge luchtvochtigheid. Nu kan meneer vrij eenvoudig zijn droogkast/wijnkoeler ombouwen tot fermentatiekast door er een (warmte)lamp in te hangen. Maar die was ontploft. Letterlijk. Met een pats. Of plof. Hetzelfde lot dat ook zijn aquariumverwarmer eerder had getroffen. Iets minder letterlijk, maar kapot was hij wel. Gelukkig woont meneer dicht bij een dierenwinkel, waarvan de verkopers hem overigens sinds die cavia altijd een beetje wantrouwend aankijken.

Hij zette zijn nieuwe aquariumverwarmer op 28 graden en legde hem in een plastic Xenosbak gevuld met water onderin zijn wijnkoeler. Dat werkte onvoldoende. De luchtvochtigheid was bevredigend, maar de temperatuur bleef steken op 22 graden, zelfs nadat meneer zijn glazen warmtepaal tot het maximum van 32 graden opstookte. It figures, een verwarmer als deze is niet bedoeld zo’n grote wijnkoeler maar voor een aquarium. Er zat niets anders op: fermenteren in het aquarium zelf. Meneer verpakte zijn worstjes in in HEMA ziplocs (dubbelsluitend, topdingen), verzwaarde ze met een paar stenen bakjes en legde ze met de aquariumverwarmer ingesteld op 28 graden en een thermometer onder water in dezelfde Xenosbak te rijpen.

  • Probleem 1: de aquariumverwarmer blijkt helemaal geen thermostaat te hebben. De relatie met de dierenwinkel wordt er zo niet beter op natuurlijk. Hij is blijkbaar ingesteld op een bepaald watervolume, een groter volume dan meneers fermentatiebad. Het water werd dus al snel veel te warm. Bij het instellen op 22 graden bleef de temperatuur mooi tussen de 27 en 29 graden hangen.
  • Probleem 2: de worsten bleven niet goed onder water. Een relatief klein probleem dat met het verwijderen van wat extra lucht, kunstig balanceren van bakjes, regelmatig draaien en het gebruik van vacumeerzakken in de toekomst verholpen kon worden. 
  • Probleem 3: de thermometer hield er halverwege de dag mee op. “Action zeker” mompelde dochter Wateetons. Close. Inmiddels was de temperatuur echter stabiel dus het was geen probleem. Bovendien heeft meneer er een stuk op 15. Oh nee, 14.
  • Meevaller 1 (het bestaat): er bleek geen waterverplaatsing nodig om de temperatuur overal in de bak gelijk te houden.

Meneer had twee batches: één met de Avo starter (en 25 g NPZ, 2 gram dextrose per kilo) en één met 5% meegemalen fuet als starter. Het resultaat van beide was na 24 uur een mooi compacte, helder rode en duidelijk verzuurde worst. Compacter en helderder dan zijn worsten er normaliter na het fermenteren (meestal 2-5 dagen bij kamertemperatuur)  uitzien. Meneer proefde een rauw plakje: een veelbelovend metworstje. Morgen gaat 50% in de de droogkast en 50 % naar de Wateetons berging waar de droogomstandigheden momenteel ideaal zijn.

Voorlopige conclusie: fermenteren in een warmwaterbad werkt uitstekend.

Aanbevelingen: zoals altijd, een UT-200 inzetten. En een duurdere thermometer aanschaffen.

7 januari waren ze gereed. Lees er hier meer over.

Wateetons workshops
dots
Wateetons Wilde Weekend in Zweden

wilde-weekend-groot

dots
dots
Watwinkeltons – boeken en t-shirts

dots
Meneer’s zomerproject – de pizzaoven

Volg hem hier. De kneus.
dots
Watatons
Categorieën
dots
dots
dots
Niks te zien hier, voor je kijken doorlopen
dots