Battle of the desems

Recentelijk is meneer aan het spelen met zuurdesembrood. Zelf een desem maken uit (rogge)meel, water en de ether, en daar vervolgens brood uit zien ontstaan is niets minder dan magie. Niet dat zijn broden erg goed lukken. Meer niveautje goochelclown Juju dan David Copperfield. Een zeer trage en geringe rijs is vooral het euvel. het resultaat is wel steeds ontegenzeggelijk een zuurdesembrood en ontegenzeggelijk lekker. Lang houdbaar ook, en bovenal zelf geschapen uit niets dan water, meel en de ether. Nu is van zuurdesembrood bekend dat het minder uitbundig rijst dan gistbrood. Maar hoe veel minder uitbundig? Lig het aan meneers zelfgemaakte desem, zijn bereidingswijze of is hij gewoon verwend door broodbakmachines en gecultiveerde powergist uit een zakje. Meneer besloot zijn DIY zuurdesem het te laten opnemen tegen het desem van Weekendbakery.com. Bezoek die site. Vanaf het moment dat meneer zijn eerste broodje op instagram zette zijn de in onberispelijk Engels beschreven broodavonturen van Ed en Marieke hem vanuit zeker vijf verschillende kanten aangeraden. Geheel terecht. En ze verkopen spullen, waaronder hun eigen zuurdesem. Meneer bestelde een potje, met (dan moet je maar geen opmerkingenformulier in je bestel procedure opnemen) het verzoek een olifantje op de doos te tekenen. Binnen een paar dagen had hij de desem binnen. En maar liefst twee olifantjes. Het zijn ook nog aardige weekendbakkers.

De Battle. FIGHT!

Het voeden: beide desem zijn ca 12 uur na de laatste voeding op hun bubbeligst. De WB desem is marginaal meer bubbelig. WB-MW 1:0

1. Het voeden: beide desem zijn ca 12 uur na de laatste voeding op hun bubbeligst. De WB desem is marginaal meer bubbelig. WB-MW 1:0

2014-09-21 09.01.27

2. Poolish: allebei fors actief maar de Weekend bakery poolish ziet er ietsjes bubbeliger uit. WB-MW 2:0

2014-09-21 15.44.32

3. Het rijzen: Het brood van met het Weekend bakery was iets meer gerezen. WB-MW 3:0.
4. Tweede rijs: niet echt indrukwekkend gerezen, maar de Weekend bakery meer dan die van meneer. WB-MW 4:0

2014-09-29 21.43.46

5. Het bakken: niet helemaal te vergelijken omdat meneer geen twee identieke vormen had. Maar beide waren wat aan de natte kant en hadden ongeveer dezelfde structuur. WB-MW 5-1

6. Het proeven: geen verschil. WB-MW 6-2

6. Het proeven: geen verschil. WB-MW 6-2

7. De beste kaaklijn: overduidelijk meneer. WB-MW 6-7.

Gewonnen!

Soylent grauw

2014-04-13 12.45.45 2014-04-14 06.51.35 2014-04-17 06.55.12 2014-04-18 07.55.33

(Dit stuk verscheen eerder in ingekorte vorm in het leukerste culitijdschrift van Nederland: Elle Eten).

Wees nou eens eerlijk, hoeveel van de twee dozijn maaltijden die je afgelopen week naar binnen werkte waren nu echt gedenkwaardig? Fan-tas-tisch geluncht op je werk vandaag, of stond je in de kantine toch weer de matige soep van de dag af te rekenen? Met een kroket, het is feest. En die snelle pasta van gisteravond, was die echt de moeite waard? Inclusief het koken, boodschappen doen en afwassen? Had je in die tijd niet beter diep in de ogen van je partner kunnen kijken, je kinderen kunnen voorlezen, gaan hardlopen of een gedicht kunnen schrijven? Dan hebben we het nog niet over die milieubelasting van de plastic verpakking, het verbrande aardgas en boodschappenbenzine, je half januari al gebroken voornemen maar één keer op te scheppen, en het feit dat de helft van de broccolistronk aan het eind van de week verlept de prullenbak in gaat. Want je houdt eigenlijk helemaal niet van broccoli. Als je er zo over nadenkt is dat hele koken en eten eigenlijk maar een geld, tijd en energie verspillende bezigheid. Waar je nog van aankomt ook.
Enter Soylent. De voedselvervanger met de slechtst gekozen naam ooit. Vernoemd naar de dystopische (gebruik dat woord!) science fictionfilm Soylent Green uit 1973 waarin de ganse wereldbevolking leeft op het gelijknamige voedingsmiddel, gemaakt van soja en linzen maar dat feitelijk uit menselijke resten blijkt te bestaan. Spoiler, trouwens. Soylent anno 2014 bestaat gelukkig uit linzen noch mensen, maar uit een uitgebalanceerde mix van eiwitten en koolhydraten aangevuld met vetten en essentiële vitaminen en mineralen. In poedervorm. Want, zo ontdekte bedenker Rob Rhinehart (dat is dan wel weer een goede naam) het maakt onze cellen waarschijnlijk niet veel uit of ze hun voedingsstoffen van een poeder of uit een appel krijgen. Inmiddels leeft hij al meer dan een jaar op zijn shakes, zonder nadelige lichamelijke gevolgen. Sterker nog, is gezond en slank en steekt het geld en de tijd die hij wint door niet meer te koken of met een mandje voor de kassa te staan in zijn bedrijf.Een paar keer per week eet hij met vrienden of gaat hij uit eten, want zo betoogt hij ‘eten is voor mij een soort vrijetijdsbesteding, zoals naar de bioscoop gaan. Maar ik wil ook niet drie keer per dag naar de film’. De rest van de maaltijden ziet hij als ‘corveevoer’, de kantinesoep, maar dan zonder kroket. Met zijn idee wist hij via een kickstarter campagne in mum van tijd meer dan 2 miljoen dollar binnen te halen voor verdere ontwikkeling. Binnenkort is het commercieel verkrijgbaar, zij het nog niet in Nederland.

Soylent krijgt enorm veel publiciteit, waarin het woord lekker echter nooit valt. Hoe zou het zijn voor een foodie om op soylent te leven? Ik besluit het een week te gaan proberen. Soylent is namelijk vrij eenvoudig zelf te maken met producten uit de gezondheid- en fitnesswinkels. Meneer Wateetons: foodmcgyver. Mijn mix (http://diy.soylent.me/recipes/soylent-white-voor-nederland-wateetons) bestond uit 40 % koolhydraten (maltodextrine, sojameel en fijn gemalen havermout), 35 % eiwitten (whey proteine) en 25% vetten (olijfolie) aangevuld met vezels, visolie en multivitamine, calcium-, magnesium-, choline en zwavelsupplementen. Om het leven nog enigszins dragelijk te maken stond ik mij ‘s avonds een glas wijn (je moet die pillen ergens mee wegkrijgen) en 2 stukjes chocolade toe. Samen met wat koffiemelk gedurende de werkdag maakte dat circa 2000 kc.

Uit de aantekeningen.
Dag 1: Wat Ontzettend Veel poeder! Dankzij de smaak ‘chemische banaan’ van de proteïne is het nog opvallend goed te zuipen. Geen honger.
Dag 2. Saaaai. Probeer soylent pannekoeken te maken. Als Rob dat maar niet hoort. Wordt heel vies.
Dag 3. Supersaaaaai. Mijn urine ruikt alsof ik een pak pannekoekenmeel heb gegeten. Wat ergens wel klopt.
Dag 4. Vrouw eet sushi, ik drink zoete havermoutpap. Kill me. (ps. volgens mij gaan mijn tanden los zitten.)
Dag 5. Een werkweek is eigenlijk ook een week, toch?

Exit Soylent. Een fascinerend concept, met ontegenzeggelijk voordelen voor tijd, duurzaamheid, geld en gewichtsbeheersing. Maar dan toch liever een kantinekroket. Of gewoon elke dag fan-tas-tisch koken.

Ciderbericht: het persen.

2014-09-29 10.05.58 2014-09-29 10.22.41 2014-09-29 11.12.05 2014-09-29 11.17.34 2014-09-29 12.22.43 2014-09-29 11.42.00 2014-09-29 11.42.15

Wat vooraf ging.

Na de 24 uur wachten op de dood van de wilde gisten voegde meneer cidergist toe, van brouwmarkt.nl. Met wat giststarter (idem) om daarmee de vergisting zo snel mogelijk te doen starten en andere kwaadwillende gisten en bacteriën voor te blijven. De most heeft circa een week in garage van meneer staan bubbelen. Meneer roerde elke dag de most een paar keer door om te voorkomen dat er aan de oppervlakte schimmels en azijnzuurbacteriën actief zouden worden. Na ongeveer 6 dagen was de plop op. Twee dagen later, toen meneer alleen thuis was (om redenen die voldoende uit de foto’s spreken), ging hij persen. Dit is de hel. Persen is de hel. Meneer kocht ooit een fruitpers, voor weinig op marktplaats. Die werkt, maar alleen als je heel weinig prut tegelijkertijd wilt uitpersen. Het gevolg is dat je eindeloos de pers open en dicht aan het schroeven bent. Zestien liter is veel, als je slechts een paar pollepels tegelijk kunt persen. De hel, zeg maar. Al doende ontdekte meneer echter een effectievere en snellere methode met een hogere opbrengst: uitknijpen. Je verzint het niet. Meneer vulde een kaasdoek (die heeft fijn grove mazen, maar een zakdoek kan ook) met appelprut en kneep en kneedde. Net zo lang totdat alle sap eruit was en er slechts een dikke plak appelnageboorte in de doek resteerde. Dit werkt uitstekend. Het kostte hem anderhalf uur voor 16 liter, vooruit, maar na afloop had hij een bevredigende sapopbrengst en was zijn humeur nog acceptabel. Met name dat laatste is vrij uniek.

Uit ca 20 kilo appelen haalde meneer dus 16 liter most wat uiteindelijk twee flessen van 5 liter sap opleverde. Met de ineffectieve start, en het restje dat nog in de gistemmer zat (waarvoor hij geen fles meer heeft) meegerekend denkt meneer dat hij op 12 a 13 liter had kunnen uitkomen. Meneer moet alleen nog even douchen om de stralen appelprut die tijdens het knijpen uit de doek spoten van zich af te spoelen, en een doekje over de muur en broodrooster en de poorten der hel zijn weer gesloten. De cider gaat naar de garage, waar het relatief koel en donker is om verder te gisten. Meneer hoort de eerste blubjes al in de watersloten.

(Het suikergehalte weet hij niet, de werkster heeft zijn maatglas laten vallen).

 

Sambal bij?

Dit stuk verscheen eerder in ingekorte vorm in het leukste culiblad van Nederland: Elle Eten.

De ‘sambalbij?’ van de lokale chin-ind uitbater danken wij vreemd genoeg aan de Portugezen. Die introduceerden, nadat ze hem in Zuid- en Midden-Amerika ontdekt hadden, in de 16e eeuw de rode peper in hun overzeese koloniën. Voor die tijd kreeg je gewoon een plastic zakje met peperkorrels bij je nasi rames. Toen die koloniën, het huidige Indonesië, een kleine eeuw later van ons werden kwam de sambal ook terecht in onze keukenkastjes. En daar is hij gebleven. Als je nu een willekeurige supermarkt binnen stapt tref je zeker een stuk of vijf soorten. De bekendste is natuurlijk de Sambal Oelek. De toevoeging verwijst naar de stamper van de vijzel waarmee sambal gemaakt wordt. Die heet trouwens eigenlijk ulek, maar alle namen op de potjes in de supermarkt zijn polderweergaven van de Indonesische versies. Een beetje liefhebber van het hete leven heeft daarnaast minimaal ook Sambal Badjak en Sambal Brandal op de plank staan. Maar er zijn er meer. In de schappen van de Xenos vond ik er al negen, die wat mij betreft overigens allemaal samengevat kunnen worden onder de naam Sambal Suiker en Indonesië kent naar het schijnt zelfs meer dan driehonderd soorten sambal. En dan te bedenken dat hete sausjes op basis van rode peper natuurlijk niet exclusief zijn voor de Indonesische keuken. In Thailand kennen ze nam prik, en ook die hebben een trassi en sojasausvariant. Korea, Maleisië, Sri lanka, allemaal kennen ze hun eigen varianten van de hete smaakmaker. En wij hebben natuurlijk de fireballs.

Het ingrediënt dat aan pepers, en dus aan sambal, zijn brandende sensatie geeft is capsaïcine. Die stof stimuleert de warmtereceptoren in onze mond en dat geeft het ‘hete’ gevoel. De sterkte wordt ingedeeld op de Scovilleschaal. Een rode paprika heeft 0 scovillewaarden, een Spaanse peper varieert van 1000 tot 10.000,  de Madame Jeannette meet, net als de rawit (die kleine hete broertjes van de rode peper), ongeveer  150.000-350.000 en een dot peperspray over de babi pangang kost je een paar miljoenen scovilletjes. En je relatie. Binnen de pepersoorten zijn er ook grote verschillen. Ze kunnen er identiek uitzien en toch verschillen in scherpte, dat zie je al aan de grote range van scovillewaarden per soort. Zo geef ik de Spaanse pepers van de Lidl gewoon aan dochter Wateetons mee als pauzehapje voor op school terwijl ik dat met die van de Turkse buurtsuper (of met pepperspray for that matter) niet zou durven. Zelfs niet als grapje.

Sambal maken kan uitstekend thuis. Elke supermarkt heeft wel rode pepers liggen en met een toko of Turkse buurtsuper erbij zijn ook de Madame Jeannette en rawits binnen handbereik. Verder hoef je niet meer te doen dan je kruidenkastje te legen. Denk aan ui, knoflook, suiker, azijn, citroensap, trassi, kemirinoten, laos, gember, tamarinde, ketjap, koenjit, djeroek peroet-blaadjes, citroen- of sinaasappelschil, sereh en kokos.  Een snelle, niet noodzakelijkerwijs helemaal kloppende, rekensom leert dat je alleen met deze ingrediënten al 5 x1019 verschillende soorten sambal kunt maken. Dat is een 5 met 19 nullen. Zo beschouwd zijn die driehonderd soorten (een drie met twee nullen) uit Indonesië eigenlijk een beetje sneu. Aan de slag. Neem bijvoorbeeld een stuk of 7 rode pepers, 4 rawits, een uitje, twee tenen knoflook, 35 gram gember, 15 gram suiker, 20 gram tamarinde, 25 ml olie, een klein scheutje citroensap en een flinke snuif zout. Ik noem het Sambal Bapak. De vijzel (en een ulek natuurlijk) is een fijn authentieke manier om die ingrediënten klein te krijgen, maar een staafmixer met hakselaar of keukenmachine weet er ook wel raad mee. Je kunt de sambal zo eten, maar hij is nog vrij nat en bovendien bloedverziekend heet. Door de verse sambal in een droge pan (hij bevat al olie) zachtjes te bakken verdampt het vocht, en neemt de hitte ook aanzienlijk af. Zo kun je eindeloos (of in ieder geval 5×1019-1 keer)  variëren. Een badjak maak je bijvoorbeeld met Spaanse peper, ui, knoflook, laos, trassi, tamarinde, suiker en ketjap. Wil je een minder hete sambal, gebruik dan geen rawits, of verwijder een deel van de zaden en witte zaadlijsters die grotendeels verantwoordelijk zijn voor de sizzling scovilletjes. Vergeet je niet tijdens de bereiding wrijven in neus en ogen te vermijden? Oh, en was je handen voor je naar het toilet gaat. Anders lig je, net als ik, een half uur te kreunen op de bank.

 

Wijn bewaren: vacuvin of niet

Eén glas rode wijn per avond, dat was het plan. Mini-flesjes leken de oplossing. Want het vlees is zwak, en wijn oxideert. Meneer en mevrouw testten een serie van deze flesjes en deden daar op deze plek verslag van. Een lopend project, schreef meneer toen. Tot mevrouw een weekje na het verslag meldde te willen stoppen. “Het is toch allemaal meuk” waren haar woorden. En dat was het. Maar wat nu? Een glas blijft fijn, het vlees is nog altijd zwak en wijn oxideert onverminderd. In reactie op de mini-test kreeg meneer het advies het eens te proberen met het Vacuvin systeem. Daarmee zuig je de lucht uit de fles en sluit je hem vervolgens met een speciale kurk af. Die nog heel leuk klik-klak zegt ook. Het resultaat: minder contact met zuurstof en dus ook minder oxidatie. Meneer besloot het te testen. Hij kocht drie identieke flessen Tesoruccio Sangiovese van de Hema (€5,50).

De test
Op dag 1 opende meneer er twee, en dronk (samen met mevrouw) uit beide een glas. De één sloot hij af met een kurk, de ander met een vacuvin dop en zette beide in de koelkast.

Dag 2: hij en vriend Wildeavonturen proefde (blind) van de beide geopende en op kamertemperatuur gebrachte wijnen: geen verschil

Dag 4: blinde proeverij door meneer (uitgevoerd door dochter wateetons): geen noemenswaardig verschil, met wellicht een lichte voorkeur voor fles met de kurk

dag 5: blinde proeverij door meneer en mevrouw: hoegenaamd geen verschil

dag 7: proeverij door meneer en mevrouw van alle drie de wijnen, dus kurk, vacuvin en de ongeopende derde fles. Niet helemaal blind uitgevoerd omdat de ‘nieuwe’ fles iets in temperatuur verschilde van de andere twee. Nauwelijks verschil, met een kleine voorkeur voor de fles met de kurk

Samenvatting
Kortom, meneer en mevrouw proefden vrijwel geen verschillen tussen progressief leger rakende, in de koelkast bewaarde, rode wijnen met het vacuvin systeem of afgesloten met een kurk. Zelfs na een week waren beide wijnen nog prima, en zelfs nauwelijks te onderscheiden van een vers geopende wijn. Met een pistool op het hoofd geeft meneer waarschijnlijk zelfs de voorkeur aan de fles met de kurk boven de vacuvin en de juist geopende fles. Iets fruitiger, iets vollere smaken.

Conclusie
Er zijn een aantal  conclusies mogelijk: 1. een fles rode wijn gaat in de koelkast, hoe je hem ook behandelt zeker een week mee. 2. een klein beetje zuurstof is zelf bevorderlijk voor de smaak van een rode wijn 3. bij een relatief goedkope wijn als de huidige zijn de verschillen klein. Of gewoon 4. meneer is een waardeloze wijnproever.

Mogelijk vervolgonderzoek
Een betere wijn, betere proevers en een langere proefperiode.

Hoe het ook zij, meneer en mevrouw kopen vanaf nu gewoon een fijne fles rode wijn en zetten die na het proeven in de koelkast. Nu alleen nog iets vinden voor het zwakke vlees.

Maar wat was het? Boomin’ Beertjes?

Op zijn dagelijks rondje Reddit trof meneer dit filmpje. Goed voor een halve minuut stom gegrinnik bij de ochtendkoffie. Hm. Potassium Chloride? De woorden ‘Naso Capo’ zijn een van de weinig dingen die zijn blijven hangen uit zijn studietijd. Ca-lcium is po-tassium. Potassium Chloride is dus calciumchloride. Laat dat nou net een hulpmiddel zijn in de DIY kaasbereiding. Een hulpmiddel dat al jaren in meneers koelkast te vinden is. En gummibeertjes, die heeft meneer natuurlijk altijd op voorraad.

Aan de slag!

 

Fail.

En het residu was niet eens lekker. Sterker nog, 24 uur later voelt meneer die ene druppel nog op zijn tong branden.

 

Maar, wat is het?

Maar, wat is het?

Ik kan hier urenlang naar kijken

De eerste pizza en een dikke deur

2014-04-12 14.58.54 2014-04-12 17.24.33 2014-04-12 17.43.13 2014-04-12 17.45.25 2014-04-12 17.45.57 2014-04-12 18.14.01-1

De komende maanden zal meneer vaker op Landgoed De Drie Wateetonschen vertoeven. Daar waar zijn bijna complete pizzaoven onder een zeiltje wacht op vlam en deeg. Een paar weken geleden nam meneer de proef op de som. De oven is droog, ingebrand en buiten wat afwerking eigenlijk wel klaar. Hij stookte hem op gedurende 2-3 uur. Dat koste een kleine kruiwagen vol hout. De oven voelde heet. Een in de oven gehangen thermokoppel wees ter hoogte van de bakvloer rond de 330 graden aan. (Zijn laserthermometer is hij trouwens kwijt, heeft hij die aan u uitgeleend?) 330 c: een fijne pizza temperatuur. Voor zijn ogen zag meneer de eerste proefpizzabodem binnen enkele minuten rijzen, bobbelen en bruinen. Prachtig. Ook de tweede, belegd dit maal, was razendsnel klaar. Lekker bovendien, met een heerlijk knapperige bodem. De derde nam meer tijd in beslag, en die daarna bleef wel erg lang zacht. Een grove meting (zo’n thermokoppeldraadje laat zich niet makkelijk sturen, zeker niet met een blote hand, en zeker niet in een hete oven) leerde dat de temperatuur ter hoogte van de bakplaat inmiddels gedaald was tot een lullige 190 graden. In een kwartier a 20 minuten. Dat was wel heel snel. Meneer krabde zich achter de oren. Te kort gestookt? Met een te klein vuurtje? Of heeft het iets met de isolatie te maken? De deuropening? Er zit vooralsnog niet anders op dan de komende tijd heel vaak te gaan oefenen. Mevrouw Wateetons heeft gelukkig al laten weten dat geen en-kel pro-bleem te vinden.

2014-04-21 09.58.46 2014-04-21 10.26.34 2014-04-21 11.18.08 2014-04-21 11.22.01 2014-04-21 13.15.55 2014-04-21 13.44.27 2014-04-21 13.44.35

 

Afgelopen weekend was meneer andermaal in het huisje. Door omstandigheden had hij geen tijd om te stoken, maar er was wel een ochtendje over voor ander ovengerelateerd werk: de deur. Hoewel een steen om voor de opening te rollen op deze tweede paasdag misschien passend zou zijn geweest nam meneer een oude balk van een centimeter of acht.  Ook nog best toepasselijk. Hij zaagde hem op maat en met paar dingesen verbond hij de balken tot een vierkant deur. Nu is de ovenopening boogvormig, en niet vierkant. Hoe krijg je een vierkante deur van 8 cm dik in een boog gezaagd? Meneer zette zonder succes decoupeerzaag, houtvijl, cirkelzaag en handzaag in. Zelfs de angle grinder kreeg het niet voor elkaar. Bitch. Uiteindelijk belande meneer bij de kettingzaag. Eureka! Een deur. Trés kasteel. Een beetje te trés zelfs volgens mevrouw. Meneer gaat dus volgende week de ijzerbeslagen kant bedekken met een metalen plaatje, misschien zelfs nog met wat vermiculiet er tussen. Die mag naar het vuur wijzen. De vlakke, toonbare kant krijgt twee handvatten en wordt het buitenaanzicht. Reuze benieuwd hoe lang deze deur het uithoudt.

 

Maar, wat is het?

image

2014-04-14 06.51.35

 

Wat is het? Meneers eten voor de maandag. En dinsdag, woensdag en de rest van de week. 450 gram zelfgemaakte Soylent bestaande uit 1800 kc met een verhouding van 40% koolhydraten, 35% eiwit en 25% vetten. En heel veel pillen en des avonds één stukje chocolade en een glas wijn. Het moet wel leuk blijven. Dit alles voor een stukje, in de Elle Eten. Het wordt een zware week.

Wateetons workshops
dots
dots
Watwinkeltons – boeken en t-shirts

dots
Meneer’s zomerproject – de pizzaoven

Volg hem hier. De kneus.
dots
Watatons
Categorieën
dots
dots
dots
Niks te zien hier, voor je kijken doorlopen
dots