Meneer proeft oude Friese blanke wijven

Meneer proeft oude Friese blanke wijven


Meneer is een lang weekend in Friesland. Beetje chillen. Beetje winterwandelen. Beetje schrijven aan nieuw materiaal met werktitel “boek 7”. Speculeren mag in de comments. De uitslag hoort u rond vaderdag 2019.

Je kunt hier naar de bakker en slager lópen. Alleen de groenteboer ontbreekt in de drie-eenheid. Beide hebben achter de winkel een eigen productieplaats. De slager maakt er zijn gerookte droge worst, die zich nu elke keer als meneer zijn koelkast open maakt in zijn volle turfheid openbaart. Je kunt er ook leuk je kwark mee op smaak brengen, merkt hij. Ook in de bakkerij wordt druk gewerkt. “Nee, dat is niet voor ons. Onze spullen komen uit een centrale bakkerij een paar dorpen verderop”. In de bakkerij zit dus een ándere bakker.”  “Ja, eigenlijk best gek, als je erover nadenkt.”

In de toonbank liggen dingen die meneer niet kent. Ze lijken op ontbijtkoek, maar dan in een variatie of tien. Hij besluit ze gewoon allemaal te proberen. Zo vaak komt hij niet bij een Friese plattelandsbakker met een centrale bakkerij.

Dit waren vriendin Wateetons’ en meneers proefnotities:

  1. Buskoek
    Dit was de eerste koek die zij in het Friese aanschaften. Hij was ten tijde van deze test al half op. Lekker zompig, cake-achtig en plakkerig. Donkerst van kleur van alle koeken. Meer cake dan koek eigenlijk. Hij zit nogal zwaar in de kruiderij: gember, kruidnagel. Vriendin Wateetons proeft ook gember, en verder nog kaneel en koekkruiden. En een zeiknatte rand. De snijplank is onmiddellijk één plakkerige bende.
  2. Ontbijtkoek
    Zacht en breekbaar, broderig. Ook best plakkerig. Tamelijk licht van kleur voor een ontbijtkoek eigenlijk. Op de bovenkant het herkenbare iets bittere donkere plakrandje waar we vroeger (en soms nog wel eens) drollen van kneedden. Duidelijk droger dan de buskoek en minder heftig in zijn kruiden. Proeven we weer gember? Vriendin Wateetons denkt pepernoten te herkennen. Ze vindt hem wat droog, maar wel luchtig.
  3. Oud Wijf
    Vriendin W: “oh nee, wacht. Dít zijn pas pepernoten.” Luchtig en bitter-achtig concludeert ze verder. “Ik hou niet van anijs.” Meneer daarentegen is in de hemel: een cake maar dan met pepernotensmaak! Het hele jaar door! Je moet er alleen voor naar Friesland.
  4. Kruidkoek – extra gevuld
    “Voor de liefhebber” had de verkoopster toegevoegd. Dat zijn wij niet. Hij zit ramvol met geconfijte meuk en hompen gember. “Oeh” steunt vriendin Wateetons bij de eerste hap. “ik dacht dat het kandij was”. Valt dat even tegen. De gember giert tegen de huig. Het leidt tot een gesprek over onze beider jeugdtrauma’s (zij zijn vele): een plakje stol geserveerd krijgen waar dan geen spijs maar wel geconfijte schil in blijkt te zitten. Kinderen in de derde wereld hebben het zwaar, maar wij hebben ook geleden hoor.
  5. Zoete lief
    Iets zoete ontbijtkoek, taaier en donkerder dan de voorgeproefde real ontbijtkoek. We treffen wat smeuïg suiker, maar verder concluderen beide dat dit de ontbijtkoek is zoals wij Westerlingen hem kennen uit de supermarkt.
  6. Ware koek
    Droog, sponzig en compact en iets minder zoet maar verder nauwelijks te onderscheiden van de Zoete lief en dus van de fabrieksontbijtkoek.
  7. Blanke koek
    We komen aan het eind. Gelukkig maar want “mijn kiezen zitten inmiddels helemaal vol”. Zoetig met een milde smaak en lichte kleur. Een soort ontbijtkoek zonder de kenmerkende smaak- en kleurmakers. Alsof ze die per ongeluk vergeten zijn. Daar waar de blanke koek der duinen…. Meneer vindt hem een beetje suf. Vriendin Wateetons neemt nog een stukje.
  8. Suikerlat
    Een outlyer, dat had meneer ook wel gezien in het schap. Maar hij zag er lekker uit, is Fries en langwerpig. Dus waarom niet. U kent meneer niet als een scherpslijper. “Een echt koekje” mompelt hij. De koek breekt krakend tussen zijn kiezen. Beide herkennen er een eierkoeksmaak in, maar dan met meer bite. Kokosmakroon zonder kokos, associeert meneer in zijn toenemende sugerrush. Een taaie lange vinger, gaat vriendin W daar met pupillen als knikkers overheen.

De conclusie
Smeuïg en zompig met een natte rand. Hoe kan het anders dat de buskoek de favoriet van beide is. Hadden ze toch mooi goed gegokt, tijdens het eerste bezoek aan de dorpsbakker. Op de tweede plaats staat bij meneer het Oud wijf, alias de pepernotencake, terwijl vriendin Wateetons de mildheid van de Blanke koek prefereert. Beide hebben er inmiddels drie sessies EMDR achter de rug voor de extra gevulde kruidkoek, maar zijn nog steeds niet vrij van herbelevingen.

Zijn er nog koeken die meneer en vriendin voor zijn om 13:00 naar het westen rijden moeten proberen? 

  1. 1
    reactie via Facebook

    Zekers! Keallepoat mist in de proeverij. Keallepoat is de Friese naam voor kalverpoot en staat bekend als een lekkere zachte koek met anijs smaak. Vast een variant op alles wat je al at … maar ja je wilt volledig zijn hè? En oranjekoek! Toen we hier pas woonden was het onderdeel van onze inburgering.

  2. 2
    Anoniem

    Zekers! Keallepoat mist in de proeverij. Keallepoat is de Friese naam voor kalverpoot en staat bekend als een lekkere zachte koek met anijs smaak. Vast een variant op alles wat je al at … maar ja je wilt volledig zijn hè? En oranjekoek! Toen we hier pas woonden was het onderdeel van onze inburgering.

Laat een reactie achter op Meneer Wateetons Reactie annuleren