Leugens!

Ja, hallo, meneer kan ook niet alles zelf verzinnen, natuurlijk. Bijvoorbeeld, hoe je een ei klutst in de schil. Of dát je een ei kunt klutsen in een schil. Dat je een ei zou wíllen klutsen in de schil. Repiliceren, dat kan hij dan weer wel.

Zo was daar dit inspirerende intrigerende dodelijk saai vertelde filmpje.

Meneer ging aan de slag. Hij nam twee supermarkteieren die hij 1 en 2 markeerde. Ei 1 schudde hij circa een minuut lang, met harde hand en bulkende biceps. Voor ei 2 hanteerde hij de in het filmpje gedemonstreerde klutsmethode, shirts met lange mouwen te over, die past hij toch niet meer (zie methode 1). Beide eieren werden vervolgens gelijktijdig gekookt. Bij het afkoelen bleek de markeerstift minder watervast dan meneer van te voren bedacht had.  ”Action…” verzuchtte dochter Wateetons, die na lang speuren echter wel een vlek ontwaarde die onmogelijk ooit een 1 kon zijn geweest. Niet dat het was uitmaakte. Post pellen ontwaarde meneer bij zowel ei 1 als 2 een intact, kogelronde dooier. Niks geklutst ei. Leugens! Saai vertelde leugens! Enfin, zo ziet u maar, er gaat niets boven replicatie. Zeker voor hen die niet alles zelf kunnen verzinnen.

De reep van de weduwe van Sarfath

Eindeloze entstroom?

Het is natuurlijk een beetje vreemd om met yoghurt uit de supermarkt (of biologische winkel, wat u wilt) nog meer yoghurt te gaan maken.

Een terechte opmerking bij het stuk over yoghurt maken, zij het dat de schrijver na al die jaren blijkbaar the true spirit of Wateetons nog niet door heeft. Meneer is niet boos, maar wel verdrietig. En geïntrigeerd, door de rest van het commentaar:

Is de kwaliteit van de kweek zo goed dat je éénmalig kunt enten met supermarkt yoghurt en daarna, vanuit je eigen yoghurt oneindige hoeveelheden nieuwe melk kunt enten?

(Een beetje het zuurdesemidee zeg maar)

Dat moest hij uitproberen.
Hij nam een halve liter volle melk uit de supermarkt en voegde daar een ruime eetlepel volle boerenlandyoghurt aan toe. Hups, zes uur in de oven op 40 graden. Van deze yoghurt, laten we hem voor het gemak batch 1 noemen, nam meneer een ruime eetlepel en voegde die toe aan een halve liter volle melk uit de supermarkt. Hups, zes uur in de oven op 40 graden. Van deze yoghurt, laten we hem voor het gemak batch 2 noemen, nam meneer een ruime eetlepel en voegde die toe aan een halve liter volle melk uit de supermarkt. Na zes uur in de oven op 40 graden ontstond zo batch 3. Voor het gemak. Toen had meneer melk noch zin meer. Maar gelukkig wel een forse stroomrekening.

Op het aanrecht stonden drie batches yoghurt. Vader, zoon en kleinzoon, zo u wilt. Yoghurt was het, in alle drie de gevallen. Zuur en fris en alleszins eetbaar. Maar wel verschillende yoghurtsen. Dat zat hem vooral in de consistentie. Waar batch 1 lekker dik en lobbig was, trés yoghurt, was batch 3 dun en vloeibaar. Niet onsmakelijk, maar meer een zure yokidrink dan echte yoghurt. Batch 2 zat daar netjes tussenin. Kortom, de kwaliteit van de kweek is dus niet dusdanig dat je oneindige hoeveelheden nieuwe melk kunt enten. Dus wacht nog even met die oorlog aub.

 

Tip: limoncello-maken.nl

Makkelijk, en lekker: zelf limoncello maken. Met name het blind slaan van de vloeistof is een bevredigend moment, en dan heb je de eerste slok nog niet eens gehad. Meneer heeft er hier ter plaatse als eens over geschreven. Alleen, die alcohol. Meneer maakt die gewoon zelf, maar misschien dat u meer waarde hecht aan uw gezichtsvermogen dan hij. En bent u bovendien vergeten een litertje mee uit Italië te nemen. Gelukkig is er nu limoncello-maken.nl van De Likeurmeester (die meneer nog kent als grafisch designer van De Wildplukwijzer en all-round toffe gozer). Een webshop met alles wat je nodig hebt om zelf limoncello te maken. En met citroenen, recepten en aanzienlijk goedkopere alcohol dan bij bijvoorbeeld brouwmarkt.nl.

Kleivarken

Dans le cochon tout est bon from Iris Alexandre on Vimeo.

Dans le cochon tout est bon from Iris Alexandre on Vimeo. Tip van Casa Foresta.

Het Handboek voor de Vinex-jager is terug

U huilde, u smeekte, u beloofde dingen waar meneer van mevrouw Wateetons geen gebruik van mocht maken. U vloekte, u woekerde. Maar het bate baatte allemaal niet.  Het le-gen-da-ri-sche Handboek voor de Vinex-jager bleef uiter dan uitverkocht. Tot nu: het Handboek voor de Vinex-jager is terug! In geheel herziene versie, 26 gram lichter (dus extra makkelijk mee te nemen op vakantie), met meer dan 29 taalkundige en interpunctie verbeteringen, een subtiele tintwijziging in de kaftkleur en significant grotere gaatjes in het zoutvaatje op de voorkant!  En dat voor 1,95 minder geldeuro’s !

Gewoon te koop bij Bol.com (directe link), of enige andere online boekenwinkel natuurlijk. En als u er bij de lokale stenen boekhandel naar vraagt heeft die hem de volgende dag in huis. Of u koopt hem natuurlijk bij meneer zelf. Zet hij er, voor dezelfde prijs, ook nog een stichtelijke boodschap in. Een mailtje naar meneer volstaat. Mevrouw Wateetons er buiten laten graag.

Maar, wat is het?

 

Huize Wateetons is into the sushi. Plots. Het begon met een sushi-ontmaagding van mevrouw op een woensdagavond bij de afhaaljapanner om de hoek en en het eindigde met EEN SUSHI MAKENDE MEVROUW WATEETONS. In Portugal, en met basmatirijst, maar toch. Daartussen zaten nog een aantal pogingen van meneer en vriendin Wateetons S., die concludeerden dat:

  • de meeste tijd van de sushi fabricage gaat zitten in het maken van de rijst
  • de sushirijst van zowel de Albert Heijn (rode verpakking) als de Xenos bagger is
  • zij dat laatste wel een beetje hadden kunnen voorspellen
  • het wat betreft de Temaki bereiding  in je voordeel werkt als je een joint of shaggie kan draaien (meneer was daarvoor in zijn puberteit helaas te braaf)
  • het centreren van de vulling in een Maki lastiger is dan het lijkt, maar dat het (een beetje) helpt als je niet te veel rijst gebruikt en je met name de randen van je rijstplakje netjes maakt
  • je niet met wasabi aan je vinger in  je oog moet wrijven
  • met mayonaise alles lekkerder is
  • een stuk bakpapier niet zo goed werkt als een matje, maar toch alleszins redelijk
  • diepgevroren visseneitjes moeilijk te herkennen zijn van foto

 

 

Een standje met een Bulgaarse

(Dit stuk verscheen eerder in gekuisdte (bedankt Elly) vorm in het leukste culiblad van Nederland: Elle Eten.)

Een warme nacht met een Griekse of Bulgaarse. Beetje roeren, of een standje, en de volgende ochtend een halve liter zure witte klodders.  Yoghurt maken,  ’t is net het leven. Of dat van mij in ieder geval. But seriously, wat is dat eigenlijk, yoghurt, waarom heeft het zo’n rare naam en waarom is er zo véél van? Een bezoekje aan het supermarktkoelvak levert een tas vol yogovario op: naast de bekende volle en magere bestaat er stand, roer, biogarde, bifidus, Turks, Bulgaars, Grieks of Geits, rechtsdraaiend, linksdragend en iets met LGG. En dan heb je nog de een eindeloze reeks kindervarianten met een smaakje die ik maar buiten beschouwing laat.

Ondanks de oerhollandse associatie die we hebben bij yoghurt met bruine suiker en de vlaflip ligt de oorsprong van yoghurt ergens in het midden-oosten. Het woord komt in ieder geval uit het Turks waar iets met ‘dik’ en ‘kneden’ te maken heeft. De bereiding komt, ongeacht de soort, steeds een beetje op hetzelfde neer. Je neemt warme melk, voegt er melkzuurbacteriën aan toe, even wachten: hop, yoghurt. Een Turk kan de was doen. Het verschil tussen roer en standyoghurt zit hem in het ‘even wachten’. En de ‘hop’, ook wel. Standyoghurt is het snelst klaar. Dé ontbijtkeuze voor onze jachtige tijd.  Dit type wordt gemaakt door de melk te enten met melkzuurbacteriën en deze dan een uur of 2-6 te laten rijpen op 40-45 graden. Het resultaat is een stijve, brokkelige en kwetsbare yoghurt. Je schept het, in plaats van het te gieten. Het wordt dan ook industrieel gerijpt in de beker waarin jij het uiteindelijk aanschaft in de supermarkt. Roeryoghurt is de yoghurt zoals we die gewend zijn van vroeger. Die met de bruine suiker zeg maar. Je schenkt hem, vaak uit een pak. Meestal staat er helemaal geen ‘roer’ op, maar gewoon magere of volle yoghurt. Ook hier gaan er weer melkzuurbacteriën bij de warme melk, maar deze mag langer en op een lagere temperatuur rijpen, zo’n 14-18 uur bij 30 graden. Even doorroeren (ha!) en je hebt de bekende dikvloeibare, enigszins slijmerige yoghurt. Minder kwetsbaar, makkelijker in grote hoeveelheden te maken en dus aantrekkelijker voor de industrie. Vaak wordt er aan beide typen in de bereiding nog een beetje melkpoeder toegevoegd voor wat extra body. Nu weet je eigenlijk alles, want Turkse, Bulgaarse of Griekse yoghurt is niet meer dan vette stand yoghurt waaruit extra vocht verwijderd is en biogarde, bifidus, LGG en rechtsdraaiende yoghurt zijn de aanstellerige varianten met bacteriën met betwistbare gezondheidseffecten. Het mooie is, zowel roer als standyoghurt maak je eenvoudig thuis. Die benodigde melkzuurbacteriën hebben weliswaar moeilijke namen, maar je hebt ze gewoon op voorraad: elk pak yoghurt zit er vol mee. Verder heb je alleen nog melk, een oven en een kookthermometer nodig.

Kook eerst de melk gedurende tien minuten op 90 graden. Dat zorgt voor een extra stevige yoghurt straks. Laat het afkoelen tot de gewenste temperatuur (rond de 30 graden voor roer- en 45 graden voor standyoghurt) en voeg een scheutje yoghurt toe. Welke, dat maakt niet zo veel uit. Je kunt roeryoghurt maken van standyoghurt en andersom. Lekker gek. Wel merkte ik verschil in smaak tussen de verschillende entscheutjes. Zo is na een week lang experimenteren volle (koe)melk aangezuurd met een scheutje geitenyoghurt mijn absolute favoriet geworden.  Stel de oven in op de juiste temperatuur en laat de aangezuurde melk al naar gelang je standjeswens daarin een avondje of een anderhalf etmaal rijpen. Even afkoelen en klaar. Als het goed plant is je yoghurt precies op tijd gereed voor het ontbijtje met die hete Griekse of Bulgaarse.

 

Rookworst in de volkskrant

Vandaag, 27 februari, staat er een groot artikel over rookworst in de Volkskrant. Degelijke informatie, van onder andere Paul van Trigt. Met een fotootje van Arend ten Wolde met wie meneer afgelopen maandag op het podium van het Torpedotheater van gedachte wisselde over worst, en wiens prima rookworst gisteravond op meneers bord lag. Vanavond trouwens ook.  Het enige wat miste is een goed recept voor rookworst. Gelukkig hebt u meneer.

Grove rookworst, 1 kg (uit ‘het handboek voor de slager‘)

  • 700 gram mager varkensvlees
  • 300 gram vet spek en en kinnebakspek
  • 22 gram nitrietpekelzout
  • 1 g rietsuiker
  • 3 g witte peper

Snij het magere varkensvlees  in stukken en laat het daarna gedurende 24 uur goed doorkoelen.  Doe hetzelfde met het spek. Meng de volgende dag het vlees en het spek  met zout en kruiden en draai het door de 14 mm-plaat. Even doormengen en afstoppen in dunne varkensdarmen. Daarna een paar uren tot stroefdroog laten opdrogen en vervolgens gedurende 24 uur koud roken op eik of beuk. Pocheren op ca 75 graden en opeten terwijl je het Nrc leest.

Volgens mij is de binding zo wel goed

Meer van meneer
dots
‘Over Worst’ – Koop hem nu, gesigneerd

dots
Leer worstmaken!

dots
Meneer’s zomerproject – de pizzaoven

Volg hem hier. De kneus.
dots
wattweetons
dots
Watatons
Categorieën
dots
dots
Over meneer
dots
Niks te zien hier, voor je kijken doorlopen
dots