Groentechips (kruispost)


U weet het wellicht. Meneers pennevruchten worden niet alleen op wateetons.com gepubliceerd, of in boeken die we voor het gemak maar even ‘Over Worst’ en ‘Het Handboek voor de Vinex-jager’ zullen noemen, maar ook (lichtjes gepocheerd) in Wine Life en Elle Eten. De columns uit die laatste, niet toevallig het leukste en hipste culitijdschriftdingetje van Amsterdam tot  Hoogeveen, mag meneer  ook op wateetons.com plaatsen. Zij het met enige vertraging en zonder de vette illustratie van Paul Faassen. Een beetje een uitgekleed en tweedehands stukje dus. Het blijft natuurlijk wel de bedoeling dat u de Elle Eten (leukst/hipst) gewoon koopt, of beaboneert.

Groentechips

Lastige tijd, eind januari [uitgekleed, tweedehands én gedateerd, MW]. De eerste deuken en roestplekken verschijnen op je op 1 januari nog zo glimmend gepoetste harnas van goede voornemens. De eerste sigaret brandde afgelopen week al weer vertrouwd in zijn longen en gisteren was het voor het eerst toch écht te koud om te gaan hardlopen. En dan heb je nog die steeds harder roepende verlokkingen van vet en snelle koolhydraten. Gelukkig bestaat er de ultieme januarisnack: groentechips. Chips! Van groente! Dat is eigenlijk een soort salade, maar dan knapperig, toch? Die kunnen haast niet ongezond zijn. Ideaal om het staartje van je goede voornemens smaakvol, maar met een goed gevoel over me, myself and my sixpack in te luiden. Zeker als ze zelfgemaakt zijn.

Chips zijn eigenlijk patatjes, maar dan zonder binnenkant. Ooit halverwege de 19e eeuw per ongeluk door een kok verzonnen om een klant die bleef klagen over diens te vette en kleffe aardappelschijfjes tevreden te stellen. Maar daar moet je misschien maar niet te lang over nadenken (denk groente! groente!). Wortels en knollen zijn over het algemeen het meest geschikt om te verchippen.

Benodigdheden:

–          Een frituurpan of wok met frituurthermometer

–          Een paar liter olie of vloeibaar frituurvet

–          Wortels of knollen naar wens

–          Een keukenmachine, mandoline, kaasschaaf of dunschiller

–          Keukenpapier

–          Zout

Neem, laten we zeggen, een pastinaak. Dat is zo’n bleke wortel die in 2008 nog als hippe vergeten groente gold maar waar tegenwoordig zelfs je schoonmoeder niet meer dood mee gevonden wil worden. Wees gerust, na een paar minuten frituren is hij onherkenbaar. Maak gebruik van een keukenmachine of mandoline om de pastinaak in plakjes van ongeveer een millimeter te snijden. Een kaasschaaf of dunschiller werken ook, of neem gewoon een keukenmes ter hand als je denkt in het bezit te zijn van mad cutting skillz. Schillen is eigenlijk niet nodig. Dat geeft ze een lekker Eko uiterlijk en je kunt nog iets tegen jezelf mompelen over schil en vitamines enzo. Spoel de plakjes af met ruim water zodat ze niet aan elkaar plakken en het zetmeel straks niet je olie vervuilt. Niet alle wortels en knollen bevatten even veel zetmeel, maar wassen kan zelden kwaad. Dep ze wel weer zeer goed droog met keukenpapier. De plakjes frituur je vier a vijf minuten in olie van ongeveer 175 graden. Bak ze in hele kleine porties zodat de temperatuur van je olie niet te sterk daalt. Je wilt natuurlijk niet dat je verantwoorde hapje vet wordt. Stel je voor. Bestrooi de groentechips met een beetje zout en laat ze afkoelen op wat keukenpapier. Verbijsterend lekker. Ik boekte naast de pastinaakchips ook veel succes met chips van bieten, schorseneren (familie van de sla!), pompoen en tayer, die harige knollen waar Surinaamse pom van wordt gemaakt. De bereidingswijze is steeds ongeveer hetzelfde en elke chipsvariant heeft een unieke smaak die niet meer nodig heeft dan een beetje zout. Schorseneren doen het visueel erg leuk als je er stroken van maakt, in plaats van plakjes. Niet elke wortel of knol is overigens even frituurvriendelijk, een winterpeen blijft bijvoorbeeld vochtig in het midden en wordt dus niet knapperig (gebruik gewone waspeentjes) en een rettich krijgt een onaangename koolachtige smaak. Gewoon lekker experimenteren met je eigen favoknollen.

Je kunt je groentechips overigens ook maken door de plakjes niet te frituren, maar ze een uurtje te drogen in een oven van 80 a 100 graden met de ventilator aan en de deur op een kier. Maar dat is wel weer heel erg gezond. Je kunt ook overdrijven. Morgen ren je wel gewoon een rondje extra.

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on Google+0Pin on Pinterest0

+ Laat een reactie achter