Aardbeiencollege


2015-06-08 14.48.28 2015-06-08 14.49.05 2015-06-08 16.28.04 2015-06-08 16.31.54-2

“Vraag een willekeurige consument verschillende soorten cola te noemen en hij somt er zo twintig op” doceerde Jan Robben. “Vraag hem datzelfde voor aardbeien en hij weet er geen één.” Twintig?! Je zag de verzamelde journaille in gedachte op hun vingers tellen. Maar het punt van de Erdbeerenflüsterer was duidelijk. Een aardbei is niet gewoon een aardbei. Wereldwijd worden er maar liefst 650 soorten geteeld. De beste daarvan komen zelfs uit Noord-west Europa. Elsanta is de standaard. Ooit de redding van de  aardbei. In de jaren zeventig was Sivetta het belangrijkste ras. Een mooi vruchtje, maar zonder smaak. Een schimmelziekte maakte een eind aan de heerschappij van deze soort. Daarop werd de Elsanta ontworpen. De gedroomde allrounder. Een behoorlijke smaak en geur, een snelle kleurvorming, een lange houdbaarheid, makkelijk in de teelt en vervoersbestendig. Inmiddels bestaat 80% van de aardbeienteelt uit dit ras. Dat bakje van de supermarkt? Vrijwel zeker Elsanta’s. Die van de markt? Idem. Geen ramp, ware het niet dat ze vrijwel zonder uitzondering te snel, onrijp en dus smakeloos geoogst worden. En bovenal, er is nog zoveel meer. Na afloop van het aardbeiencollege, waar ook een opvallend welbespraakte teler en een licht hysterische wijnkenner spraken mochten we rassen proeven, met dank aan Willem&Drees, die hiermee hun 6-jarig bestaan vierden. Wat een variatie! Veel gelegenheid tot rustig proeven en proefnotities maken had meneer helaas niet. Het was druk, zijn 2 uur gratis parkeren bij de Vomar liepen ten einde en hij moest nog 20 soorten cola kopen. De beschrijvingen hieronder zijn dus summier.

Elsanta: verbazingwekkend lekker eigenlijk
Fleurette: Mild en zoet.
Lambada: Gerrit-Jan Groothedde, de eetschrijver kan er uren over oreren, maar deze soort viel (opnieuw) een beetje tegen
Elianny bio: klein en fijn. Met een grappig hoog kroontje.
Sonata: waar was die dan?
Eve’s delight: lekker
Furore (nieuwe soort): ook heel fijn
Clery: superzoet en vol van smaak. Eén van meneer’s favorieten.
Capri: beetje kruidige, heel spannend. Favoriet.
Darselect: Hard en wat onrijp en met weinig kleur.
De Aardbei Zonder Naam (zo nieuw dat hij nog geen naam heeft): ook kruidig, niet zo zoet maar vooral een complexe smaak. Groeibriljantje.

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on Google+0Pin on Pinterest0
  1. 1
    Erik

    Leuk, maar waar kopen we die tien soorten aardbeien dan?

    Eens in de zoveel tijd hoor je een teler die ‘de consument’ verwijt dat ze niet een van zijn honderd soorten kopen, terwijl er eigenlijk maar één gangbare soort bij de gebruikelijke bronnen (supermarkt, biowinkel en markt) te krijgen is.

    Een jaar geleden verklaarde heel culi-Nederland ons voor gek dat we nog steeds onze knoflook bij de supermarkt halen en deden we onszelf ernstig tekort als we niet allemaal aan de dubbelgestreepte paarse olifantenknoflook zaten…hoor je daar nu ooit nog wat over?

  2. 3
    Henk Verhaar

    Of kweken in eigen tuin…

    Overigens is de aardbei zoals wij die kennen een tamelijk recente ‘uitvinding’, een kruising tussen twee Amerikaanse soorten en (waarschijnlijk ook) het Europese bosaardbeitje (dus een echte biologische hybride).

+ Laat een reactie achter