#rauwcuraçao: de wilde ganzen van de zee


Ze zijn niet van hier, komen met velen, voeren geen klap uit maar profiteren wel van onze welvaart. Koraalduivels, het zijn de wilde ganzen van de Cariben. En dan zijn ze nog flink giftig ook. Eén prik van de talrijke en vlijmscherpe stekels op hun rug of vinnen en je hebt maanden last. Maar, zoals Wouter Klootwijk het zegt: een plaag moet je eten. Net als met de wilde gans smaakt de koraalduivel (of lionfish) gelukkig uitstekend. Niet heel bijzonder, gewoon naar een generiek witvisje, maar hij is moeilijk te verpesten. Wat je er ook mee doet, hij blijft zacht en sappig en droogt niet uit. Ook voor ceviche is hij heel geschikt. Fileren is echter een klusje dat je met voorzichtigheid moet uitvoeren. Zelfs na de dood blijven de stekels giftig. Zie het filmpje hierboven.

Om deze redenen wordt er flink op ze gejaagd, met harpoenen. Meneer kreeg een exemplaar in handen van een van de locale zelfverklaarde lionfishhunters (die toevoegde er een beetje bij te klussen als chirurg in het ziekenhuis): niet meer dan een stok met een elastiek en een paar spijkers aan de voorkant. Vinexjager style. Bijna wekelijks trekken ze er op uit. Een jongens-onder-elkaar dingetje, waarmee ze ook nog iets nuttigs doen en met een maaltijd thuiskomen. Hun inspanningen, en die van alle andere jagers op de Cariben, werpen vruchten af. Waar onze hunters voorheen met de snorkel op jacht konden zijn de koraalduivels tegenwoordig alleen nog maar op 30 meter diepte te vinden. In het verleden haalden ze 10 kilo de man naar boven, nu zijn ze blij als ze dat met hun vieren vangen. Meneer spotte er in zijn snorkelavonturen hier op Curaçao inderdaad maar een paar. Prachtige beesten, dat wel.

Recept: lionfish burgers

Caribbean Spice Girl Helmi Smeulders,  meneers gastvrouw en auteur van het boek Modern Caribbean Flavors  geeft op haar site een recept voor lionfishburgers.

 

 

Comments

comments

+Er zijn nog geen reacties

Laat jouw reactie achter